Hoe het met me gaat? Ik voel enorm veel pijn, zo gaat het met mij, maar dat is oké!

Hoe gaat het met je?

Die vraag krijg ik de laatste tijd veel…

Laat me even nagaan…

Mijn grootvader stierf in oktober, 10 dagen erna had ik een auto-ongeluk. Dat mijn auto een totaal verlies was, was spijtig, maar niet zo erg. Ik kwam er levend uit, dat kon Gui niet zeggen. Ik kwam er evenwel niet zonder kleerscheuren af. Onverantwoord om alleen thuis te zitten, dat vond iedereen die me hier zag liggen! Ik mocht mijn bed niet alleen uit, na een tijdje dan maar een rolstoel: als ik dan flauwviel, was het ten minste in de stoel en niet op de grond. Een klein onnozel breukje in mijn voet, hersenschudding, whiplash van de rug en van de nek, kneuzingen van kop tot teen waardoor ik ook niet met krukken kon gaan… Eens ik min of meer genezen verklaard was, deed mijn voet meer en meer pijn: meer bepaald mijn enkel. Nu deed die daarvoor ook al pijn, maar dit was echt niet normaal. Naar een orthopedist geweest, echo en RX linkervoet. Ondertussen ben ik geopereerd, mijn voeten hing langs de buitenkant nog met één ligament vast en ook daar zat al een scheur in en was helemaal ontstoken. Bleek dat ook mijn enkelgewricht niet meer juist stond, dus heeft hij dat ook nog terug in de juiste positie gezet, ik heb een interne brace gekregen, geen flauw idee wat dat is eigenlijk. Ik ga dat eens moeten opzoeken. Nu heb ik waarschijnlijk ook nog steeds een whiplash die nog niet weg is: elke dag barstende hoofdpijn, nog steeds geen fel licht kunnen verdragen en blijvende pijn natuurlijk. Ik kwam er levend uit, ja, en iedereen zegt me dat het zo sterk is dat ik dat zo kan bekijken. Wel ja, ik verloor al wat volk in het verkeer, dus ja: dat leert je wel relativeren. Facebook is mijn vriend geworden intussen, zo zalig in tijden van eenzaamheid, want niet zelfstandig buiten kunnen komen en dan alleen wonen geeft wel eenzaamheid, neem het van me aan. Nu goed, de dokter zal mijn rug ook controleren als ik terug wat meer op de been ben, letterlijk dan.

 

Dus ja, mijn grootvader stierf, een kameraad die wat verder stond, maar ook Amber: mijn beste maatje na Gui. De twee mensen die me echt door en door kenden, echt ook alles wisten en die me mezelf lieten zijn zonder (ver)oordelen, zijn er niet meer…. Ik begin weer te huilen, want dat doet pijn, dat doet echt pijn. Amber stierf op 25 november…. Ik heb al zo vaak gehuild om haar, dat is oké, dat mag. Ik dacht altijd dat ik twee onvoorwaardelijke vriendschappen had. De éne kende ik al sinds de eerste kleuterklas, dat bleek niet zo, al blijft mijn deur open staan, sowieso, want ik mis ze ook wel natuurlijk. Afstand kan misschien ook wel goed zijn om dan terug samen te komen? Ik weet het niet. De andere was Amber, ik kende ze 10 jaar of zo, ik weet het niet juist, doet er ook niet toe, maar ik kon ze alles vertellen en zij mij, ik heb zeer kostbare herinneringen aan haar, die neemt niemand me ooit af. De laatste week dat we samen waren, was zo intens, we waren gewoon bij elkaar, deden niet speciaals, maar konden gewoon samen zijn, zonder iets te zeggen, samen eens lachen en samen eens huilen, omdat we ook beiden wisten dat we dat over X aantal tijd niet meer konden. Stille tranen waren er toen ook, bij allebei, maar ze mochten er zijn. Ze was zo blij dat ik voor haar stoofvlees met friet maakte. In oktober zou ik terug een week naar haar gaan, maar toen had ik dat auto-ongeluk. Half november stuurde ze me een berichtje dat ze me nog zo graag wilde zien voor ze ging en dat ze hoopte dat ik er snel kon raken.

ambervoorschirft

Op 20 november zat ik bij pijn psychiater, niet dat ik psychisch in de knoop zat, al voelde dat wel zo, maar ze liet me wenen, ze liet me zeggen dat ik naar Amber wilde. Ze schreef een soort voorschrift, ik moest er een foto van trekken: op doktersvoorschrift erbij zetten en op facebook plaatsen. Er stond gewoon op: “wie wil met mij (tegen vergoeding) naar Utrecht rijden?” Amber was meteen akkoord, vervoer kwam in orde, door haar vrienden eigenlijk, niemand wilde Amber dat afnemen, ze wilde het zo graag en ik ook, heel hard zelfs. Dat was gepland voor 27 november. Ik had de gezinszorg vol-au-vent laten meenemen omdat ze dat zo graag at, wat kon ik anders nog meenemen dan iets dat ze heel graag at en niet in Nederland kenden? Twee dagen daarvoor, het was de dag dat ik mijn nieuwe auto kocht, kreeg ik een bericht: Amber was dood. Ik ging die avond naar een optreden van Guido Belcanto.

 

Ik schreef nadien aan hem:

Beste Guido,

Ik was vanavond in Lier, weet je ook. Maar goed, wat ik eigenlijk nog wilde zeggen. Ik ben daar toegekomen, eigenlijk helemaal van slag, ik had ongeveer 2 à 3 uur daarvoor te horen gekregen dat een goede vriendin van me overleden was. Ik ben zo een beetje afgestapt van de benamingen “beste vrienden”, ik zeg meestal gewoon goede vrienden. Eigenlijk verdient ze de titel wel van één van de beste op zijn minst. Nu goed, ik wist dat het zat aan te komen, maar toch…. letterlijk hartpijn, zeg ik dan.

Mijn moeder zei nog: ge gaat nu toch niet naar diene Guido Belcanto gaan vanavond. Ik zei “tsja, anders zit ik hier ook maar tussen vier muren” en ja, ik ging toch. Mijn moeder had schrik omdat ik emotioneel was en ik eigenlijk pas echt met de auto ging rijden de eerste keer na mijn accident. Ik begrijp dat wel en zo zijn moeders….

Ik heb dan eerst rond gereden en rond gereden, geen parkeerplaats vinden, uiteindelijk een plaatstke tegengekomen, nog een kwartier stappen met een gebroken voetbeentje, dat deed eigenlijk heel veel pijn… Och ja, ik kwam daar met tranen in mijn ogen binnen van de lichamelijke en de emotionele pijn, vooral van dat laatste, denk ik.

Ik moet eerlijk zijn, de eerste helft…. Vraag me niet wat je gezongen hebt, ik zat in een waas en probeerde vooral niet te wenen. Ik dacht zelfs op een gegeven moment: ik ga de zaal uit, wat zit ik hier te doen…. ik zat ook constant op mijn GSM te kijken, doe ik anders niet eens… tot: Manu….

Ík weet eigenlijk niet hoe dat komt, ik weet ook echt niet waarom, maar al vanaf ik de eerste keer dat liedje hoorde, ik was 18, want ik kreeg die cd voor mijn 18de verjaardag. Ik zat toen op de PAAZ, ik hoorde dat toen en drukte al op repeat, repeat en nog eens repeat. Ik bleef het lang gebruiken als het liedje om tot rust te komen. Vroeger vooral door de woorden “doe niet dwaas”, denk ik, vermoed ik, ik weet het soms zelf ook niet goed….

Ik leerde dan ook de originele versie kennen. Ik was graag naar renaud geweest laatst in Vorst, had zelfs een kaart, maar ja, stom accident, ben er niet geraakt. Nu ga ik wel naar Renaud in Lille, dat komt eigenlijk door u dat ik die muziek heb leren kennen. Ik ben er wel blij mee, die man heeft inderdaad prachtige liedjes.

Goed, ik dwaal af…. ik hoorde Manu en weer had ik het: ik voelde een rust over me heen komen, een zekere troost enigzins, ik deed mijn ogen toe en liet het goed doordringen, tot in elk vezeltje van mijn lijf. Die helende werking die ik vroeger zo zocht en ook vond in uw liedjes was daar weer. Ik had het misschien niet meer zo nodig gehad de laatste jaren (hoewel…), maar nu voelde ik het…. net als vroeger… De tranen rolden over mijn wangen, geluidloos, maar ik was plots tevreden. Nee, tevreden is niet het juist woord, ik voelde me echt getroost en een beetje geheeld. Ja, heel hard zelfs…

Vanaf toen was ik wel mee, heb ik het hele optreden eigenlijk wel genoten. Ik voel nog steeds de moeheid achter mijn ogen van het vele huilen vandaag, maar ik voel me getroost, door jou, door dat éne liedje…

En eigenlijk wil ik zeggen: chapeau, dat je dat effect na al die jaren nog steeds blijkt te hebben bij mij en vooral: Dank u! Heel erg bedankt!

Heel veel liefs, enorm veel liefs en dank u!

Ik meen er elk woord van…. Nog steeds….  Het leven gaat verder….familiale problemen, deed me wankelen, deed me twijfelen, deed me heel veel pijn…. Maar ik zou verder gaan, ik begin terug met de volgende rond IUI (intra-uteriene Inseminatie) veel problemen: blaasinfectie, keelontsteking, oorontsteking, bronchitis en sinusitis. Maar ik had hem: de + op een zwangerschapstest. Ik test normaal niet voor bloedname, maar dit was raak, ik voelde het. Misschien nog het meest aan mijn borsten…. Twee dagen later ging ik pas voor bloedname, die draaide even negatief uit en was een enorme domper: op 1 januari begon de bloeding pas echt. Volgens ferti-arts wijst alles op een miskraam….

 

Och, het was nog geen kind zei ik tegen mezelf, het was nog geen kind, het was echt nog geen kind.

Ondertussen ging ik sinds december naar de psychologe, ik ging vroeger ook al bij haar. Ik zei dat ik alles wegrationaliseerde en maar bezig wilde blijven. Ze zei dat ze dat ook merkte…  Ík bleef zeggen dat het nog geen kind was, zij bleef zeggen dat het oké was om te zeggen dat ik een kindje kwijt was, mijn kindje… Ik bleef zeggen dat het geen kind was, ik bezag het ergens ook positief: ik kon zwanger raken, die fertiliteitsarts in het vorige centrum zei immers dat hij het geen kans op slagen zou geven. Ik kwam ondertussen zelfs met mijn verhaal in de Dag Allemaal, zo gek allemaal. Ik kwam trouwens ook met een schrijfsel in de Visie, maar dan over kwetsbaarheid en herstel in de psychiatrie. Op beiden kreeg ik veel positieve reacties…. Ik ging dus ook verder met mijn twee missies, al schrijvend, al is het minder dan daarvoor.

 

Mijn boek begint vorm te krijgen, maar miserie zorgt voor een writersblock, op de blog zullen jullie dat al wel gemerkt hebben.

 

Nu goed, ik deed maar verder en verder, ik was doodop. Echt doodop. Mijn psychologe was kwaad op me omdat ik naar het Rode Kruis ging om bloed te doneren en me in de databank te laten zetten voor stamceldonor. Ze vroegen naar mijn motivatie: mijn nicht leeft er nog door. Dat was alles wat ik zei. Beste motivatie dat er is, zei die arts. Wilde ik dat nu allemaal doen door al die sterfgevallen.

 

Nu goed, mijn psychologe zei dat ze blij was dat ik geopereerd werd, dan moest ik verplicht rust nemen, ik zou niet anders kunnen. Ik ben eigenlijk inderdaad heel blij dat ik geopereerd werd. Ik hou me terug bezig met wat ik graag doe, me verdiepen in spiritualiteit. Ik vond het boeddhisme terug en het laten zijn. Ik vind weer rust, kan terug slapen zonder medicatie, maar met slaapmeditatie.

 

Mijn psychologe is blij dat ik nu echt verdriet voel, voor mijn grootvader, voor Amber, voor die kameraad, voor mijn kindje, die ik plots wiebeltje noemde. Ik heb geen flauw idee vanwaar ik met wiebeltje kwam. De volgende IUI had ik twee eicellen, ik wilde die niet, ik wilde mijn wiebeltje, het was toen dat ik de eerste keer besefte dat ik echt mijn kindje kwijt was. Hetgeen wat van me verlangd werd, gebeurde: ik huilde omdat ik een miskraam had gehad, de eerste keer…. Mijn psychologe zei: dat doet pijn, hè. Ja, zei ik haar. Dat is goed, zei ze dan.

 

Ik weet dat. Ik ben de koningin van voelen en te laten zijn, maar dit zijn gewoon te veel pijnlijke dingen samen, dat weet ik, daarom dat ik naar haar ging. Na dat auto-ongeluk heb ik zo veel verdriet gehad om Gui, het drong precies niet door dat mijn grootvader gestorven was. Het was pas; net voor die operatie, dat ik naar mijn grootmoeder ging en ik samen met haar in fotoalbums aan het kijken was, ik daarna met tranen naar huis reed. Mijn grootvader, mijn grote held was er niet meer. De man die met me naar de carwash ging als kind, gewoon omdat ik dat zo graag deed. De man die op mijn eerste appartement veel repareerde, de man die altijd klaar voor me stond en me kwam halen als ik beland was in de middle of nowhere. De enige man van mijn hele familie waar ik echt op heb kunnen rekenen, die was ik kwijt. En ik was Amber kwijt en Gui ook nog steeds en mijn kleine wiebeltje… en al die vorigen, een continu rouwproces sinds mijn 17de noemde mijn psychologe het… allemaal sterretjes…

Ik heb het nooit echt zo gehad voor Stan Van Samang, maar een ster….

 

Ik huilde tranen met tuiten de volgende keer bij mijn psychologe, ze zei dat ze me voelde, de eerste keer sinds ik bij haar kwam, ik zei haar dat ik die twee eicellen niet kwijt wilde, niet nog eens. Ze blijft zeggen dat ik vol verdriet zit, dat ik ervoor op de vlucht was, maar dat ik begonnen was met erbij stil te staan.

 

Maar ik ben een cursus fotografie beginnen te volgen, mijn grootvader deed dat ook graag, heel graag. Ik heb zijn fototoestel en lenzen en statief. Dat was het enige wat ik eigenlijk echt wilde van hem: het staat als een schat in mij kast… ik durf er amper aan te komen….

 

Verdriet dus, ja, ik zit vol verdriet en dat doet pijn, maar dat mag, dat is goed zo. Zo kan ik het echt heel hard vastnemen, het intens voelen en weer helen. Ik denk niet, maar ik hoop wel dat ik ooit terug een partner als Gui tegen kom en een vriend(in) als Amber, maar die zijn zeldzaam. Ik ben mama van twee, zeggen ze me nu, ik wil mama zijn van drie nu: waarbij de jongste twee engelenbrusjes heeft die over hem of haar zullen waken. Ik twijfel nu tussen twee namen: Rune en Melle, twee namen die zowel bij een meisje als bij een jongen kunnen…. Maar om de één of andere reden blijf ik denken dat ik een jongen zal krijgen…. Ik wil blijven hopen: De laatste ronde IUI, daarna IVF… pfffff….

 

Verdriet dus, dat dus…. Het komt meer en meer los, door die verplichte rust, mijn psychologe had gelijk… Ik neem ook terug de tijd om de dingen te doen die IK graag doe, al heb ik er wel een week voor halfziek in bed moeten liggen: oververmoeid waarschijnlijk….

stef
Stef Jannsens, uit de tentoonstelling “een wensvader bekent”, nog tot 10 februariu te bewonderen in de kruierie te Balen.

 

Ik hoop dat ik nu snel weer kan schrijven, niet omdat het moet, maar omdat ik het graag doe!

(Oh ja, dit is geschreven, zoals mijn gedachten gingen…. Letterlijk opschrijven wat er in mijn gedachten kwam

Ik weet het, jullie hebben echt lang niet van me gehoord. Daar zijn redenen voor, ik heb veel besproken en ben uiteindelijk wel tot een besluit gekomen. Die dingen hadden met de blog te maken, uiteindelijk kreeg ik vanuit het bloggerswereldje, zelfs van een psychologe en een psychiater (die mijn blog ook volgen), van vrienden ook (maar die zijn sowieso minder objectief) te horen dat ik vooral moest verder moest doen…. Ik ben fan van Guido Belcanto, iemand die ik ken en daar ook fan van is, zei zelfs: jij doet met je blog wat hij doet met zijn liedjes: onfortuinlijken een stem geven, grotendeels uit eigen ervaring of ervaring bij vrienden, sowieso…. Anders kan je er ook moeilijk over mee spreken! Dat is logisch. En ja, dat is persoonlijk, sowieso dus, en ik schrijf persoonlijk, maar ik heb nog nooit dingen geschreven waar anderen aanstoot aan kunnen nemen. Ik mag mijn grote droom niet vaarwel zeggen. “Je hebt destijds gekozen om voor jezelf te kiezen, eindelijk! Je deed dat, je voelde je nooit zo goed. Waarom zou je dat nu veranderen?” Dat zei iemand, ik dacht: ze heeft gelijk…. Gisteren praatte ik er nog met iemand over, tot een heel diep niveau en ook die persoon zei: laat u niet tegen houden. Want dat is gebeurd, daarom schreef ik lang niet meer. Ja, voor het kinderwensmagazine, dat wordt nu eenmaal verwacht….

 

Maar verdere update dus: Ik had een verkeersongeval. Ik ben redelijk lang buiten strijd geweest. Ik heb bijna twee maanden in mijn huisje in een ziekenhuisbed gelegen. En als ik dan toch iets deed, moest ik het de volgende dag uiteraard dubbel zo hard bekopen, ik had een redelijk zware hersenschudding. Eigenlijk had ik daar het meeste last van, een klein breukske in mijn voet, maar ook overal kneuzingen. Mijn polsen hadden bv ook een heel harde slag gehad, die hebben heel lang pijn gedaan (en doen soms nog heel hard pijn), ik kon daardoor zelfs niets met krukken gaan: ik zakte regelmatig door mijn polsen. Ik viel ook constant flauw: de rolstoel werd dus veel meer gebruikt dan de krukken. Ik kreeg thuisverpleging, familiehulp en kiné aan huis. Die kiné in het begin voor mijn pijnlijke spieren enzo (warmtecompressen: echt, dat doet zo een deugd!!!), daarna voor revalidatie van dat breukje (dat er nu nog blijkt te zitten, och ja…..)

 

Door dat verkeersongval is er ook het één en ander in het water gevallen. Mijn plusdochter (de dochter van mijn overleden vriend) zou heel de herfstvakantie komen slapen. Vooral ook om haar tante wat te ontlasten, die heeft kanker en krijgt door dat meisje amper rust. Dat kind heeft enorme verlatingsangst, een hechtingsstoornis en ja tegenwoordig ook paniekaanvallen. Als men haar geschiedenis kent, zegt iedereen: dat is ook heel normaal. Ik had daar echt naar uitgekeken, dat meisje zelf ook, ik had vanalles gepland: buiten huis, in huis…. Ik ben na haar tante één van de weinigen die ze vertrouwt. Op zich wordt er nu ook veel besproken zodat ik eventueel voogd en/of pleegouder kan worden als de tante het niet meer kan. Iedereen zegt dat ze dan echt het beste bij mij gaat zitten. Nu ja, ik hoop vooral dat haar tante kan genezen en dat het niet nodig is, maar heel stiekem dacht ik ook al: dan ga ik toch nog een kind van hem rondlopen hebben.

 

Maar wat ik ook heel erg vind, ik heb geen afscheid kunnen nemen van mijn beste maatje. Ze had kanker, zware kanker en ze was nog veel te jong. Ze heeft heel hard afgezien en in oktober zou ik ook een week naar haar gaan, maar dat viel dus ook in het water. Dat was jammer, heel jammer. Ze woonde niet bij de deur, 150 km hier vandaan. Toen ik eindelijk terug wat meer op de been was, hadden we een datum geprikt, er was vervoer geregeld, maar ze stief 2 dagen eerder. Die avond ging ik naar een optreden van Guido Belcanto, ik ben toen echt goed opgevangen door de mensen die ik daar ken, echt waar, dat mag gezegd worden. En op een gegeven moment zei iemand van hen: ik denk eigenlijk dat je het erger vindt dat die zondag niet meer gehaald is, dan dat ze nu dood is. Ik dacht dat ook, denk dat nog steeds. Ik wist dat ze ging sterven, sowieso, maar ik had ze zo graag nog geknuffeld, zoals we elke keer deden als we elkaar zagen. Ik heb lang problemen gehad met mensen die me wilden knuffelen, zij heeft me geleerd dat elkaar stevig knuffelen juist ook heel veilig kan voelen, dus dat wilde ik zo graag nog gedaan hebben. Maar ja, ik ben wel naar de begrafenis geweest. Ik moet zeggen: een begrafenis in Nederland: veel mooier, veel persoonlijker en vooral: ieder is zichzelf…. Geen “regeltjes” van stijf in het pak bij wijze van spreken. Het was de mooiste begrafenis die ik ooit meegemaakt heb en het feit dat er een foto vooraan was die ik nog getrokken had, was ergens een troost. Het is ook een mooie foto, heel spontaan, ze wist niet dat ik die trok. Ik weet nog dat ze half verontwaardigd was omdat ik die trok, maar daarna zei ze zelf wel dat die mooi was. Dat was die zeker ook. Ik zou bijna zeggen: ik wil ook zo een begrafenis, echt waar! Ondertussen ben ik met verschillende vrienden van haar vrienden op fb, ook met haar zus en echt waar: mij doet dat goed. Ik kreeg zelfs een kerstkaartje van haar familie, dat deed vooral veel deugd, zeker omdat erin stond dat ik echt een goede vriendin was, ze bedankten me daar zelfs voor. En ook haar andere vrienden zeiden dat, op de begrafenis, maar ook via fb. Ze kenden me allemaal, terwijl de meesten me nooit eerder zagen.  Ik mis ze, heel hard zelfs…. Hieronder Nick Cave, een liedje uit zijn laatste album. Nick Cave had voor mij en Amber een speciale betekenis…. Zijn laatste album, gemaakt na de dood van zijn zoon is een duidelijk rouw-album. Ongelooflijk hoeveel steun ik daar nu uithaal.  Ik zei toen dat ik spijt had dat het niet was uitgekomen toen Gui gestorven was, maar voor Amber kwam het wel op tijd…

Mijn grootvader stierf ook, nog voor dat ongeluk, ik heb er kort iets van gezegd. En dan denk ik, iedereen geeft me ook gelijk, dat hij stierf is rechtvaardig, die vriendin niet. Wil dat zeggen dat ik het niet erg vind dat mijn grootvader stierf, nee bijlange niet. Maar om eerlijk te zijn, het verdriet om die vriendin is echt veel hoger, ook omdat ik haar echt alles kon zeggen, maar dan ook alles. Ze oordeelde nooit en veroordelen deed ze al helemaal niet. Ze heeft me ooit een kaartje gestuurd waarin ze zei waarvoor ze mij allemaal dankbaar was. Ik weet nog dat ze vaak zei dat ze het meest dankbaar was over het feit dat ik haar leerde dat een ruzie niet het einde van een vriendschap moest betekenen. Tot dan had zij kennelijk altijd die ervaring gehad. Ik weet dat ik ook schrok toen, die eerste keer. Ik weet zelfs niet meer over wat het ging, maar ik was om de één of andere reden kwaad op haar en zei dat en zij had meteen iets van “als ik dat dan toch verkeerd doe, waarom verwijder je me dan niet uit fb en uit uw telefoon en…” Ik zeg het: ik weet niet meer waarover het ging, ik weet ook niet meer hoe ze het juist zei, maar daar kwam het op neer en dat ik meteen zei van: waarom zou ik dat doen? Het is toch niet omdat ik zeg dat ik dat niet leuk vind van wat je doet, dat ik geen vrienden meer wil zijn. En dat dat juist het fijne van vriendschap is, dat er dingen kunnen uitgepraat worden. Ze zweeg toen, een paar dagen en toen sprak ze me terug aan, hebben we er echt over gepraat en was het weer oké. Als ik nu terugkijk op onze vriendschap, wij maakten best veel ruzie, al waren we beiden meer gekalmeerd tegen het einde toe. Ook al was onze mening niet altijd hetzelfde, van ons konden die perfect naast elkaar staan, zonder daar ruzie over te hebben of er zelfs over te discussiëren. Wij hadden dan allebei iets van “ok, dat mag! Je denkt sus en ik zo, geen probleem!” En dat mag zeker.  Ze heeft dat meermaals gezegd, dat ik haar geleerd heb dat ruzie bij vriendschap kan en mag horen, maar dat dingen wel kunnen uitgepraat worden. Ik wil dan zoiets meteen uitpraten, zij wilde dat eerst laten rusten. Mensen zitten nu eenmaal verschillend in elkaar. Die vriendschap zou ik bijna onvoorwaardelijk durven noemen. Dat was echt van: oké, ruzie, maar dat komt wel weer goed. Haar zus zei laatst dat dat juist het teken was dat we échte vrienden waren en eigenlijk is dat ook zo. Maar ik zeg het vaak: ik ben mijn beste maatje kwijt: wééral….

 

Goed, het leven gaat verder, zoals iedereen zegt: ik heb een rotjaar gehad. Goh, niet heel het jaar, maar de tweede helft was een echt rot. Maar goed, we zijn 2017 nu, ik zou heel kort zwanger geweest zijn zelfs, eindelijk, maar dat werd een vroeg-miskraam. Ik verschiet ervan hoe ik dat vooral heel positief opvat. Afgelopen zomer zei een fertiliteitsarts me nog dat ik nooit zwanger zou raken, want mijn eicellen raakten niet gestimuleerd. Ik ging voor een tweede opinie en ze zouden daar eerst mijn hormonen meer in balans brengen. Ik had een droomstimulatie, een droominseminatie en ik had zelfs een plus op een test. De ferti-dokter is heel unaniem: er is kort iets geweest en eigenlijk stemt me dat hoopvol. Zo veel mensen zeggen dat ik dat zo nuchter en realistisch bekijk, die hele kinderwens en dat hele traject. Mensen die er ook echt over praten met mij. Tsja, misschien krijg ik nooit een kind, maar ik heb een plan b klaar voor als het niet zou lukken. Ik haal alles uit de kast, mijn voedingspatroon is aangepast, ik doe accupunctuur, alle mogelijke vitaminen, geen alcohol meer, zo weinig mogelijk medicatie…. Ik wil mezelf niet verwijten dat ik niet alles gedaan heb…. Dat wil ik niet, dat wil ik echt niet…. We blijven ervoor gaan, hoe moeilijk het ook is.

 

In dat kader zal er ook een boek uitkomen, in mei van dit jaar, over mijn weg naar alleenstaande ouderschap met steun van Kinderwens Vlaanderen en als integratieproef voor mijn opleiding kinderwensconsulente.  Over de vragen die je hebt, over mogelijke steun of juist tegenkantingen, over het grotendeels alleen dragen, over vragen waar je mee zit, zoals ik nu tegen de fertiliteitsarst zei dat ik daarvoor daar ook al aan gedacht had, maar dat ik met dat auto-ongeluk heel hard had: hoe zou ik dat met een kind moeten gedaan hebben?, over die dingen allemaal. Volgens de fertiliteitsarts is daar echt nood aan, omdat alles wat ik voel, me afvraag en meemaak, iedere BAM in spe heeft. Dat ik alles op zich nog heel nuchter kan bekijken, maar dat er veel vrouwen echt nood aan zo een boek hebben en die dingen veel minder nuchter bekijken. En soms denk ik dat: tsja, nuchter bekijken, soms zit ik hier ook te wenen omdat ik besef dat ik het misschien nooit zal hebben…. Een levend kindje…. Maar dat doen we dan, we laten dat toe en ik verstop dat ook niet (heel bewust, dat is ook een missie, het leven is geen vind-ik-leuk-dingetje) en dan ga ik weer verder…. Af en toe is dat nodig hoorde ik van een andere wensouder die een ook een lang traject had en pas na jaren echt een kind had. Soms is het nodig om efkes diep de put in te gaan om het juist vol te kunnen houden, want dan kan je er weer met volle moed tegen aan gaan. Ik geloof dat wel, ik ervaar het ook.

 

Ik loop ook bijna drie jaar rond met een gezwollen en pijnlijke enkel. Er is een ligament weg (dat is dus afgescheurd en ergens opgerold), een ander is aan het scheuren en een ander serieus ontstoken. 11 januari moet ik terug naar de sportarts, we zien wel wat die zegt. Dat is ofwel een operatie (maar dat wil ik niet echt) of zeer langdurige kiné. We zullen maar afwachten wat hij zegt. Dat ik daar zo lang mee gewacht heb, is eigenlijk omdat mijn huisarts het altijd weet aan andere banale dingen. Op de duur had ik iets van: dat kan niet meer, daar is iets anders aan de hand. Een psychiater zei dan: “ga eens naar een sportarts toen ze die voet bekeek”.  Tsja…. Deed ik dus…. Nu zegt iedereen: amai, dat moet nogal pijn doen. Uiteraard, dat doet heel veel pijn ja.

 

Nu ja, we zijn 2017 ondertussen, ik hoop op een beter jaar dan het vorige jaar, maar ik heb er vertrouwen in. Ik heb sinds gisteren terug wat rust gevonden, eindelijk, dat heb ik sinds dat auto-ongeluk niet meer gehad. 2017 wordt mijn jaar, voilà

2017

 

Ook wens ik jullie een heel mooi 2017 toe, uiteraard….

Positieve punten in een echte rotweek of hoe ik gelukkig leef met ongeluk.

Vandaag denk ik enkel aan mezelf, heb ik me voorgenomen. Opgestaan met beginnende migraine, sumatriptan ingenomen, nog iets zeurend, maar kan al terug iets doen….

Afgelopen week een vrij zware week en ik verlang vooral naar rust. Vandaag neem ik dus gewoon even rust, totale rust. Bij rust denk ik ook aan ontspanning. Schrijven is ontspanning voor mij, dus ik ben hier nog eens. Ik kies er echter niet voor om te schrijven wat er allemaal in de omgeving aan het gebeuren is. Ik wil me op iets positief richten. Dus nu ga ik even bekijken wat me ondanks alle miserie toch wel blij maakte afgelopen week.

Op nummer één staat een goede vriendin, die me de avond nadat mijn grootvader was gesedeerd kwam opzoeken. Zodat ik even kon uithuilen. Dat bij iemand kunnen doen is nog steeds leuker dan alleen zitten en dat bij niemand kunnen doen. En via telefoon of via facebook is dat nog steeds heel anders dan als er iemand naast u zit. Dus beste vriendin, bedankt.

De volgende dag werd ik uit mijn kot gelokt door de buurvrouw. Ze wilde de deuren versieren met Halloween decoratie en vroeg of dat bij mij ook mocht. Wij hebben zo een gezamenlijk dakje boven onze deur, dus alleen dat van haar zou inderdaad geen zicht zijn. Ik denk dat ze wat compassie hadden met mij, een goede vriendin van haar was daar ook bij en ik mocht bij hen binnenkomen. Niet dat ik daar nooit eerder ben binnen geweest, t zijn toffe mensen. Praten met elkaar, over serieuze dingen, over grappige dingen en ik kreeg vers gekookt eten voor mijn neus geschoteld. Dat deed me zo goed. Lieve buurvrouw: dank u!

decapZaterdag ging ik met een vriendin naar de opendeur van de orgelfabriek Decap in Herentals. Heel interessant. Wist je dat ze zo’n gaatjeskarton voor een orgel in een soort van scanner kunnen steken om dat op een computer te zetten? Ik sta er nog van te op te kijken! Na die rondleiding van Tony Decap nog in de spiegeltent gaan amuseren. Diezelfde voormiddag kwam ook een vriendin een kattenluik voor mijn kat installeren. Ondertussen gebruikt meneer zijn privé-ingang heel vlotjes. Ook mijn luster is intussen gerepareerd en hangt weer op. Ook de lattenbodem is weer gerepareerd. bedankt!!!! Zo’n mensen kan ik dan zo dankbaar zijn.

Zondag ging ik naar de boekvoorstelling van Dirk De wachter. Dat deed me zo een deugd, zo een deugd. Om de één of andere reden hang ik bij die man steeds aan de lippen. Ook ons de-wachter-boodsschapgesprekje onderling daarna was een fameuze opsteker! Schone man, die Dirk De Wachter. Vanbinnen dan toch, over een buitenkant kan me altijd discussiëren, maar over zijn binnenkant alvast niet. Hij schreef ook nog een mooie boodschap in mijn boek (enfin, zijn boek dus, dat ik kocht en ik nu ga lezen en daarna mijn boekenkast ga inzetten omdat ik die na een tijd nog wel eens zal willen lezen!)

De volgende dag ging ik yoga doen, deugd dat dat deed. Echt waar. Ik zat die namiddag nog bij vrienden. En kon ik een artikel lezen door een vriendin uit De Standaard over Dirk De Wachter. De titel was “Doe niet alsof alles leuk is, leef met je ongeluk.” Het is dat wat ik doe en wat mij juist gelukkig maakt, ondanks dat ongeluk. Oké, het is wat veel allemaal nu, maar ondanks alle pijn en verdriet voel ik mij niet ongelukkig. Slecht misschien wel, maar niet ongelukkig. Groot verschil. Mild zijn voor mezelf, gevoelens omarmen en laten zijn. Het is dat wat een mens gelukkig maakt. Naar mijn mening, ik noem gevoelens ook nooit positief of negatief, die gevoelens, ze zijn allen nodig en horen allen bij een mensenleven. Gelukkig maar of we zouden apathische wezens zijn.

hart-boven-hardGisteren heel weinig geslapen, ik werd gevraagd om de zus van mijn vriend in het ziekenhuis even af te lossen. Dat meisje, de dochter van mijn overleden vriend dus, ligt in het ziekenhuis. Al sinds vorige donderdag. Ik zat daar, was er niet goed van, maar toen die meid zei dat ik zo lief was en vroeg of ze me een kusje mocht geven, werd ik weer helemaal warm vanbinnen. Ik heb haar zoals vroeger voorgelezen, omdat ze dat nu zelf niet kon lezen. Ze vond dat leuk, dat zag je en dat maakte me ook blij. Daarna ging ik naar Leuven en kwam ik een pracht van een affiche tegen van Hart boven Hard. Ik wil me daar nu eigenlijk ook eens actief voor gaan engageren eigenlijk. Die avond nog verse vol-au-vent gegeten, gewoon met frieten. ‘S avonds iets gaan drinken nog met vrienden, dat deed deugd. Niet zo laat gebleven als anders dan nu. Een totaal onbekende mens op fb verder geholpen met een schreeuw om hulp. Maakt mijn dag ook weer goed. Niet dat ik veel deed, maar een telefoonnummer doorgeven van twee psychiaters kan al veel doen blijkbaar. Die mens bedankte me uitvoerig. Het was alleen erg dat hij eerst beoordeeld of zelfs veroordeeld werd tot en met. Maar goed, ik was gelukkig dat ik de mens kon helpen, ook al ken ik hem niet! Anderen ook doorverwezen naar Kinderwens Vlaanderen, ook die mensen heel blij, al ken ik die ook niet!

Vandaag volledig rustdag. Opgestaan met migraine, nog in lichte vorm. Sumatriptan meteen ingenomen en het is al beter. Afspraak gemaakt bij Shanti van Kinderwens Vlaanderen. “Verlies triggert verlies” zei ze. Ze stelde het zelf voor, ja, ik vraag dat zelf niet, hè! Nog steeds een mankement: hulp vragen. Al lukt dat al beter dan vroeger. En totaal onverwacht naar Dirk De Wachter ook deze avond… Ik wilde rust, maar Dirk de Wachter geeft me rust, echte rust. Dus oké, dat is in orde. Eerst deze namiddag een lang badje nemen, volledige rust. Beetje muziek op en verder niks.

Ergens daartussen ook de zus van Gui moeten geruststellen, ze was door iets serieus gekwetst. Ik begrijp dat, volledig zelfs. Maar blijkbaar was ze zo blij met mijn reactie daarop dat ze wel weer was gerustgesteld. Al zei ik dat vooral tegen haar zoon. Op fb, dat wel, maar ook daar was ze zo blij mee. De volgende dag was ze geblokkeerd op fb, was ze helemaal in paniek omdat ze nu geen vrienden meer kon zijn met haar broer. Gelukkig dat ik dat e-mailadres en het wachtwoord van zijn profiel nog heb. Deed heel vies daarop te komen, maar ik kon ze terug vrienden maken met haar broer. Naar de rest heb ik niet gekeken, enkel dat gedaan. Ze is weer zo gelukkig als een klein kind dat een ijsje krijgt omdat ze terug aan het profiel van haar broer kan. Mensen blij maken, ik doe het graag. Maar tsja, ik vergeet ook niet wat zij voor mij allemaal al gedaan heeft, dan was dit maar een kleintje.

Morgen begrafenis… hoeft voor mij niet. Ik heb daar niets aan, ik merk elke keer dat ik daar maar zit zonder echt iets te horen of  rond me te zien. Bedenk me dan gelukkig ineens daarstraks dat ik toch een kleed heb dat men wel als goed zal beschouwen. Zat ik al een week mee in mijn kop… een hippie past niet op een begrafenis, vindt men. Stom vind ik dat, dat is wie ik ben, mijn grootvader heeft me zelf zo altijd gezien, denk ik dan. Nu ja… ik heb toch iets in de kast liggen dat er mee door kan. Dus ook hier weer een positief puntje. Al is dat eerder om anderen gelukkig te maken en niet mezelf. Ik pleit er eerder voor dat iedereen op zijn manier moet afscheid kunnen nemen, dus als ik daar in kleurtjes en als hippie wil staan, vind ik dat dat moet kunnen. Nu goed, ik wil verder ook geen gezever, dus heu: een zwart kleed dus, wel van desigual maar met enkel rood in. Zal wel goed zijn en toch ook nog mijn stijl. Iedereen content. Dus ik ook gelukkig dat ik dat in de kast hangen had. Het is voor de winter, maar ja, misschien moet ik die kleren toch eens gaan boven halen ook! 😉

Positief dus, want er zijn altijd positieve kanten aan het leven. Ik doe niet alsof alles leuk is en leef volledig met mijn ongeluk. Maar juist daardoor voel ik me niet ongelukkig, alleen even heel slecht en kan ik nog wel de positieve dingen zien en me nog amuseren ook. En dat ik verder geweldige vrienden heb, echt geweldige vrienden, schatten van vrienden en ook een buurvrouw dus, waar ik op kan rekenen. Die zelf af en toe bellen om te vragen hoe het nu gaat of een klein sms’je sturen of gewoon een virtuele knuffel of eentje in het echt! Ik heb supervrienden! Allemaal zo hard bedankt!!!!! Zo hard bedankt!!!!

Parce que c’est toi: waarom ik geen bewust alleenstaande moeder zal worden

Ooit stuurde Gui me een liedje door, goed luisteren zei hij…. het was Parce que c’est toi van Axelle Red…. en ik begon toen te wenen, het was toen dat ik voor de eerste keer eens echt naar de tekst luisterde….. “Ik heb nu hard iets met de zin: ik wil van u een kind” … Parce que c’est toi, hè. K zet het nog dikwijls op, ondertussen heb ik ook cd’s van Axelle Red (hij was daar best fan van, echt wel! Ook hij deed mijn muzieksmaak verbreden…. niet goed voor mijn portemonnee, maar ja….) Ik heb ondertussen dus ook cd’s van Axelle Red , maar dit liedje nog niet op cd…. jammer, gelukkig bestaat er you tube maar toch.

 

Na zijn dood ben ik niet echt meer bij hem thuis geweest. Eén keer gedaan en snel een paar hemden uit zijn kast gaan halen, die ik dan aan deed thuis en vooral in mijn bed om hem te kunnen ruiken en dicht bij mij te voelen. Ik ging er ook mee naar buiten, misschien dachten mensen wel dat ik zo’n vrouw was dat graag mannenkleren aan deed (om eerlijk te zijn, ik doe echt wel graag mannenhemden aan, eigenlijk echt wel, Ik vind dat zalig zitten. En ook mannentrainingen en hoodies zijn geweldig! En ja, ik draag dat: binnen en buiten, ik kan zo’n mannenhoodie gemakkelijk combineren met een rok, vind ik toch, waarom ook niet? ;)  (Sommigen kleven daar graag een of ander genderdysfore term op, zelfs toen een vriendin een heel verhaal over een genderfluid: vrouwelijk geboren, die soms ook als een 8-jarige jongen wilde gaan voetballen op facebook zette, dacht mijn moeder dat het over mij ging. Oh ja, de term genderfluid was niet aan bod gekomen in dat bericht, gewoon iets dat die vriendin zette over iemand dat ze kende. Ik denk gewoon dat mijn moeder dat van mij al van kleins af aan gewoon is dat ik me van al die termen niets aan trek en gewoon draag wat ik leuk vind zitten (of dat nu mannelijk of vrouwelijk is, wat kan mij het schelen, hokjes zijn voor niks goed, ook op dat vlak niet! ) en me ook daarnaast inderdaad  ook als een kind kan amuseren trouwens. Niets zo leuk als een speeltuin.  😉  ) Verder heb ik niet tussen zijn spullen gekeken. We hadden zelf redelijk snel nieuwe huurders, zodat we niet onnodig drie maanden opzeg moesten betalen, dus dat huis moest snel leeg. Heel veel spijt van nu, dat we daar onze tijd niet voor genomen hebben, zo eigenlijk, feitelijk….Iemand die ik kende is het huis komen leeghalen, gratis, maar hij haalt daar dan gerief uit dat hij nog kan verkopen en/of oplappen, zo verdient hij zijn boterham.  Hij vraagt normaal ook wel geld voor het leeghalen, maar omdat die gast een vriend van me is, moesten wij dat niet betalen. Dat was wel handig zo, op twee dagen was het leeg, hij heeft het ook nog gekuist. Hem ergens nog steeds dankbaar, ik vond het moeilijk daar toen te komen. Maar nu heb ik er spijt van dat ik niet meer van hem heb bijgehouden, bv zijn cd-en vinyl-collectie. Die had ik best graag gehad. En één van zijn gitaren, ééntje maar. Oh ja, hij had 8 gitaren als ik het me goed herinner. Zijn dochtertje heeft er wel één van genomen, ook die piano is meegenomen voor de dochter. Ze speelde daar toen zelf ook al op, dus ja. Ze is haar vierde instrument beginnen te spelen dit jaar, Gui zou zo trots zijn en meer dan genoeg zeggen: “dat heeft ze van mij!”  Ik twijfel daar ook niet aan overigens en Gui zelf had het van zijn moeder naar het schijnt. Zijn moeder zette hem als baby al achter de piano en hij deed hetzelfde met zijn dochter, daar zijn prachtige foto’s van trouwens. Gui met de dochter op de schoot toen ze nog geen jaar was en die maar op dat ding bezig. Ik vind die foto nog steeds heel prachtig, heb hem hier ergens op de computer staan zelfs. Ik had graag gehad dat hij dat ook kon doen met een kind dat wij echt samen zouden gekregen hebben, zo graag…

 

Met zijn sterfdatum was ik er dit jaar niet hard mee bezig, ik was me die dag wel heel bewust dat hij die dag twee jaar daarvoor gestorven was, maar verder wat dat een gewone dag. 30 juni…. Niks speciaal…. in juli begon ik terug meer en meer met hem in mijn hoofd te zitten, vanaf ik geïnsemineerd was eigenlijk en dan kwam augustus er aan en ik dacht constant aan hem, ik dacht constant aan Gui, ik was tegen mijn vrienden constant bezig over hem, over vanalles van hem, over wat ik toch niet echt leuk vond aan hem, maar vooral over waarom ik hem zo graag zag. Ik sliep toen ook heel slecht, ik sliep toen een week of vier maar max twee uren per nacht, echt slapen kon je die twee uur dan ook niet echt noemen en ik zat er echt onderdoor: lichamelijk vooral, ik was stikkapot, stikkapot en kreeg ergens die periode ook te horen dat ik geen kind zou kunnen krijgen, tot dan toe hield ik, ondanks dat enorm slaaptekort, psychisch best goed stand, maar met dat nieuws zakte ik psychisch in elkaar als een pudding…. Ik belde de psychiater (ja, diegene die al bijna een jaar zegt dat ik ze niet meer nodig heb, toen had ik ze nodig vond ik), ik ging naar haar, heb daar zitten wenen en zitten wenen en plots zei ik “En ik dacht dat alles met Gui ondertussen gepasseerd was, maar ik denk al weken aan niks anders dan aan hem”  En ik hoor ze nog steeds zeggen: “Els, dat gaat nooit over gaan. Gij zag hem wel heel graag, het was de eerste man in uw leven dat ge echt genoeg vertrouwde om een relatie mee te beginnen, en dan hebt ge eindelijk iemand genoeg vertrouwd om er een relatie mee te beginnen en dan sterft hij… dat is verschrikkelijk en dat doet pijn en daar mag jij nog je hele verder leven aan denken en om wenen! Dat gaat nooit gepasseerd zijn. Trouwens , je bent bezig om een kind te krijgen en in eerste instantie wilde je vooral een kind van Gui” Ik moest half lachen: Gui zijn zaad was zelf al gecontroleerd, ja, zelfs dat al. Dat hoort zo in een traject, oh ja, zijn zaad had picco bello gescoord! Ik zie hem nog steeds zeggen: “pff, dat wist ik zo ook!” Zijn mannelijkheid kreeg toen een streling, vermoed ik.  Ik ging buiten bij de psychiater,  ze had me iets voorgeschreven om te slapen, ik was immers niet depressief, maar moest wel hoognodig eens deftig slapen. Ik had daar trouwens 2u binnen gezeten, als laatste patiënt van de dag (er op het einde nog bijgenomen, ge kent dat, zij weet ook dat als zo iets vraag dat dat niet zo maar is!)  en dacht dan: “Ze heeft gelijk, maar moet ik nu echt een psychiater betalen om te horen wat ik eigenlijk al weet?” Ja, waarschijnlijk wel, omdat ik toen gewoon wilde horen dat alles nog normaal was en vooral om te weten dat helemaal niet in een depressie aan t wegzakken was, want dat dacht ik op dat moment echt wel heel hard. “Ge moet uw gevoelens normaliseren”, zei ze. “Al wat gij nu voelt is normaal en helemaal geen beginnende depressie.” dat was het inderdaad heel duidelijk niet, ik nam die avond iets om te slapen en na die eerste nacht van slaap, was ik een ander mens, helemaal een ander mens en verre van depressief, verre van, helemaal niet zelfs…

Maar ja Gui, ja, die mis ik nog steeds en dat is goed zo. Ik ween nog vaak om hem, maar dat is ook goed zo, zeggen ook mijn vrienden. Je moet dat toelaten, zeggen ze dan…. Mja, Gui, waar ge ook zit of staat of misschien wel ligt: ik mis u, weet ge dat! En ik zie u nog altijd graag, gij zijt echt het beste wat me overkwam, nog niet in het minste omdat ik door u leerde dat mannen ook te vertrouwen kunnen zijn! En dat ze eigenlijk best heel lief kunnen zijn. Je dood heeft me ergens gebroken, maar me daarna eens zo sterk laten opstaan. Ook dat zeggen vrienden, dat ik, eens het rouwproces gepasseerd was, eens zo sterk ben dan ik ooit daarvoor was en vooral iemand ben die graag leeft… waarschijnlijk omdat ik besef dat het leven soms best kort kan zijn en dat het voor ieder van ons morgen kan gedaan zijn, al wist ik dat vroeger ook al wel. Gui was echter de grootste slag van allemaal, hoewel die vriendin op mijn 17de, dat durf ik soms ook een trauma te noemen. Stom verkeer…Maar goed: ik weet zelf niet waarom, maar sinds uw dood leef ik pas echt graag, dat is best gek voor iemand met een verleden van een depressie en zelfmoordpogingen.  Ik ben ook veel gemoedelijker geworden en rustiger, een vriendin zei zelfs dat jij van mij en nog mooier mens gemaakt hebt dan ik al was. En ook krijg ik te horen dat ze zelden iemand zo veerkrachtig ontmoet hebben als ik die bovendien zo positief in het leven staat ondanks alle tegenslagen.

 

Ik heb spijt nu ook dat wij destijds kozen om voorlopig in t geheim een relatie te hebben: ik had daar mijn redenen voor, jij ook. Maar een paar mensen wisten het echt, al hadden het er best veel door, weet ik nu… In december zette je op facebook dat je een relatie met me had, ik heb dat pas na je dood bevestigd, stom, ik weet het, maar het staat er nu wel, heel mooi vind ik dat! Toen wilde ik nog niet dat iemand het wist, jij toen al wel, dat was duidelijk. Maar ik wilde het niet, waarom weet ik zelfs niet, misschien toch nog dat vertrouwensding, ik weet het niet. Of misschien bindingsangst, toen ik nog naar de therapeute ging, zei die wel eens dat ik dat had. Ik heb daar nooit echt over nagedacht, die therapeuten zeggen zo veel en zitten er ook vaak gewoon ook totaal naast. Ik heb wel verlatingsangst en ik denk wel dat dat ergens samen hangt…. Zo ergens…. Ik weet wel: eens ik kies om van iemand te houden, houd ik niet maar een beetje van iemand, maar echt wel met mijn hele hart en dat was bij jou toch echt wel het geval, echt wel!

Toch, mijn grootouders bv, voor hen ben jij er nooit geweest, ik kreeg de reactie: ge bent nog jong, ge zult nog wel iemand tegen komen., toen ik er iets van zei. Ik was zo kwaad toen… het was waarschijnlijk anders geweest als ze je al eens gezien hadden. Och ja…. Gui, ik denk altijd aan je als ik ga slapen,: nog steeds en val dan met een grote glimlach in slaap, ik droom soms dat ik van je zwanger ben en een kind van je krijg: laatst zelfs een tweeling, het waren twee jongens, ze hadden allebei jouw haar en je ogen… dat komt ook door dat hele fertiliteitstraject dat weet ik ook, maar maakt me ook duidelijk dat ik geen bewust alleen staande moeder wil worden, maar in de eerste plaats wilde ik moeder worden van jouw kinderen, van ONZE kinderen, zo graag eigenlijk. Zelfs als ze dat “erfelijke” ambetante kwaaltje van je overkregen, ik wilde die kinderen zo hard. Ik ging er gewoon alleen voor omdat jij stierf, ik rouwde eerst en pas daarna hakte ik de knoop door: iets met een biologische klok en sowieso al onvruchtbaar waardoor ik echt niet meer kon wachten, maar bewust alleenstaande moeder, nee, dat zal ik nooit zijn, dat niet… Niet bewust alleenstaand, maar alleenstaande omdat jij stierf en alleen daarom… niet omdat ik er bewust voor koos…

Het zou kunnen dat ik hierover ook ga schrijven voor het kinderwensmagazine, het zou kunnen.

Veerkracht

levennadedood081715

Ik ben een module mee in elkaar aan het steken rond veerkracht. Ik bekijk veerkracht als terug opveren na een psychische kwetsuur, een trauma. Ik zou er allereerst al niet mee beginnen welk trauma nu erger is. Ieder heeft een verschillende achtergrond en staat anders in het leven. Ik geloof wel dat iedereen een dosis veerkracht in zich heeft, anders kan je niet leven.

 

Nu is iemand, waarmee ik de module in elkaar steek naar een lezing geweest. Veerkracht is een “hot” item in de psychologie deze dagen. Je hoort en leest er veel over als je een beetje met zulke materie bezig bent. Nu goed, op die lezing (ik weet de naam van de bewuste spreker niet meer) werd gezegd dat mensen met psychische problemen vaak een grotere veerkracht hebben dan mensen zonder psychische problemen. Ik vond deze stelling uiterst interessant, men zou net het omgekeerde denken. Maar hij ging verder, mensen die psychische problemen hebben, hebben hun veerkracht te vaak moeten inzetten, die veer raakt uitgerekt omdat ze te veel ingezet geweest is. En zo ontstaan psychische problemen. Ik vond dit wel heel interessant omdat met inderdaad vaak psychische problemen ziet bij mensen die als kind misbruikt zijn, mishandeld zijn bv. Men kan wel zeggen dat deze mensen als kind een serieuze veerkracht nodig hadden, als er dan op volwassen leeftijd iets bij komt, raakt deze veer uitgerekt en gaat ze moeilijk nog veren en zo ontstaat dan een psychisch probleem dat men dan borderline, post traumatische stresstoornis, burn out of weet ik wat gaat noemen. Mensen met psychische problemen zijn vaak ook mensen die van nature meer hooi op hun vork nemen dan mensen zonder psychische problemen, dat was ook iets wat hij zei. En dan komen we weer bij het punt dat hun veer uitgerekt raak. Mensen zonder psychische problemen hebben hun veerkracht doorgaans gewoon minder moeten inzetten, was zijn conclusie.

 

Ik vond deze stellinginname zo interessant dat ik ze de moeite vond om te delen. Het is net het omgekeerde van wat de modale mens meestal denkt en daarom vond ik ze uiterst interessant.

“Je zal nog wel iemand anders tegen komen.”

i love yoy

Nu mijn rouwproces zo goed als voorbij is, kan ik terugblikken. Terugblikken op reacties van mensen, want er zit wat tussen.

Het strafste was van mijn nicht: ik vertelde dat Gui gestorven was en ze vroeg of we naar de Action gingen. Ik stond perplex, maar ging zonder iets te zeggen met haar de Action binnen. Ik wist gewoon niet wat zeggen. Maar het zijn vooral de goedbedoelde reacties die vaak pijn doen.

Begin maart schreef ik een gedichtje over gelukkig zijn ook al doet je hart pijn. Er werd door iemand echt op gereageerd alsof het tijd werd dat ik terug gelukkig moest zijn. Voor alle duidelijkheid: ik vond dat ik gelukkig was, net omdat ik mijn verdriet toe liet. Het is net omdat ik van mezelf verdrietig mocht zijn, dat ik gelukkig was, het is omdat ik dat aanvaard van mezelf dat ik gelukkig ben, het is omdat ik niet persé, zoals heden de tendens is, altijd de goed-nieuws-show verkondig dat ik gelukkig ben. Ik vond die reactie uiterst ongepast, vooral omdat ik ondanks alles ook niet vind dat je gelukkig MOET zijn, iedereen heeft volgens mij de vrijheid om ongelukkig te zijn.

Maar de reactie waar ik het van krijg, de reactie die ik al sinds het begin te horen krijg en nu nog steeds te horen krijg: “Je bent nog jong, je zal wel iemand anders tegen komen.” Dat is een reactie waar ik niets mee ben, hoe goed bedoeld ze ook is. Misschien kom ik ook iemand anders tegen, misschien ook niet, maar een nieuwe man gaat niet het verdriet rond Gui afnemen. Ik ben er zeker van dat ik dat verdriet de rest van mijn leven ga meedragen. De scherpe kantjes zullen slijten, maar het verdriet zal blijven, ik ben daar zeker van. Als ik 80 jaar ben, zal ik nog steeds met een glimlach aan Gui denken en ik zal mijn kleinkinderen misschien over hem vertellen, als de man die ik vertrouwde, als mijn prins op het witte paard. Ik zie me al bezig, zonder tanden en met een knot in mijn haar: “Toen ik nog een jong meisje was, leerde ik een man kennen: Gui, hij had zwart haar en groen-blauwe ogen. Hij speelde gitaar en was de liefste man die ik ooit tegen kwam. Nog voor jullie opa in beeld kwam…” Ja, ik zie het al helemaal voor mij.

Die reactie doet me eigenlijk pijn, eigenlijk zou ik veel liever hebben dat zo iemand dan zegt: “Het maakt je verdrietig, hè!”, dat ze erkennen dat het pijn doet, dat ze erkennen dat ik verdriet heb. Zo moeilijk lijkt me dat toch niet en daar zou ik veel meer aan hebben. Ik weet ook wel dat mensen dat doen omdat ze zich ongemakkelijk voelen, het is ook meestal als ik zelf iets over hem vertel dat ze dat zeggen. Mensen kunnen nog steeds niet om met verdriet van anderen, ze worden daar lastig van en ik denk dat ze dat dan meer voor zichzelf zeggen, dat ik nog wel iemand anders zal tegen komen. En waarschijnlijk zullen ze het best wel goed bedoelen ook, daar twijfel ik niet aan.

Eender hoe, natuurlijk kan ik nog iemand anders tegen komen, maar die man gaat mijn verdriet ook niet wegnemen. Hij zal mij moeten nemen met mijn verdriet om Gui. Ik blijf er ook bij, ik ben vriendinnen kwijt gespeeld, ik ben mijn vader ook al kwijt, de dood geeft verdriet, ik weet dat en ik weet ook dat geen enkel rouwproces zo hevig was als dit, ik weet ook dat ik niemand van alle voorgaanden zo graag gezien heb als Gui, vooral door mijn voorgeschiedenis. He gemis slijt wel, maar het verdriet blijft.

Dus, wat ik jullie vraag, zeg aub niet tegen iemand die zijn/haar partner kwijt is: “je zal nog wel iemand tegen komen.” Ik wilde dit toch even delen.

de rouw-fases doorlopen?

Nooit zo veel waarde gehecht aan de theorie, maar de rouwfases van Kübler-Ross, ik heb ze één voor één doorlopen. Ik ben er nog niet helemaal door: ik wissel nu tussen de twee laatste: “verdriet en depressie” & “aanvaarding”. Vandaag zat ik bij mijn psychologe en plots zei ik “ik denk niet meer heel de tijd aan Gui, ik mis hem met momenten nog steeds, maar ik kan ook al eens aan iets anders denken.” En ook al weet ik dat dat goed is, het deed pijn om dat te zeggen. Precies of ik verloochen hem of zo… Nochtans zoals het cliché zegt: hij zou niets liever willen dan dat ik verder ging met mijn leven. Het is misschien cliché (sowieso), maar ik ben er van overtuigd dat hij dat ook zou willen. Maar toch: ik was zo graag met hem oud geworden, ik had er zo graag kinderen van gekregen. Ik zei ook tegen mijn psychologe dat ik zo iemand als hem nooit meer ga tegen komen. Zei ze dat ik wel een andere man kan tegen komen… Tuurlijk kan ik dat en ergens wil ik het ook, maar tegelijkertijd weet ik dat ik Gui waarschijnlijk voor de rest van mijn leven zal missen. Ik zal het missen hoe hij altijd plagend “hippie!” zei. Ik zal het missen hoe hij mijn vingers tegen hield als ik gitaar speelde, ik zal het missen hoe hij door mijn haar ging met zijn hand en ik zal het missen hoe ik met mijn hoofd op zijn borstkas lag…

Maar om dus terug te komen op die rouwfases. De eerste fase is die van ontkenning. Dat had ik heel hard, al van toen hij in coma lag. Ik deed maar al te veel moeite om te doen alsof alles nog hetzelfde was, ik verwachte nog dat hij elke moment zou bellen of dat ik plots “hé, hippie!” zou horen. Maar ook toen ik tegen mijn moeder vertelde dat hij in coma lag, het leek net alsof ik vertelde dat ik naar de bakker ging voor een grof gesneden, zo even tussen de soep en de patatten, al weet ik nog heel goed waar we waren toen ik het vertelde. Uiteindelijk stierf hij op 30 juni om half 8 ’s morgens… Ik weet nog dat ik die telefoon kreeg: Gui was er niet meer maar ik vertelde het niemand, zolang ik het niet uitsprak was er ook niets gebeurd of zo.  Ik trok me terug in de hof van mijn moeder waar op dat moment niemand thuis was. Ik zag daar niemand, dan kon ook niemand me vragen hoe het met Gui was… uiteindelijk zette ik het, voor ik het iemand zei, op facebook en ik ging niet meer naar facebook kijken. De begrafenis ging aan me voorbij, ze was mooi zeker, ik had ze mee in elkaar gestoken, maar ze ging aan me voorbij… die dag kwam ik thuis, mijn zus belde of ik mee wilde naar een computerwinkel omdat haar vriend iets moest gaan kopen. Ik weet ook wel dat ze dat deed voor mij, ik ging mee. De dagen gingen voorbij, ik weet niet veel meer, wenen kon ik niet, het drong langs geen kanten door. Ik sprak heel weinig over Gui, ik deed wel regelmatig zijn hemd aan in bed en dan rook ik hem heel dicht bij mij.

Stilletjes aan ging ik over naar de tweede fase, die van woede, ondertussen waren we  weken, zelfs maanden verder. Ik was regelmatig kwaad, op hem, maar ook op de hele wereld. Ik riep regelmatig “klootzak” naar de lucht, omdat ik vond dat hij me in de steek had gelaten. Om dan weer kwaad op mezelf te worden, hij kon er toch ook niet aan doen dat hij dood was. Ik was ook regelmatig kwaad op de mensen rond mij. Ik heb staan brullen tegen mijn moeder en ik ging regelmatig terug naar de eerste fase, die van ontkenning, die voelde veiliger, veel veiliger, ik werd ook kwaad op mijn vader. Kwaadheid die er eigenlijk ook eens uit moest, al lang, maar nu leek het geschikte moment (voor diegene die het niet weten, mijn vader is bijna 3 jaar gelden overleden), ik voelde me regelmatig woest, al wist ik niet waarom.

Dan ging ik over naar de fase van het onderhandelen, ik voelde me hierin vooral heel onbegrepen.  Ik had het gevoel regelmatig in een crisis te belanden, een crisis in mezelf dan. Ik snauwde mensen af. Maar ik maakte ook afspraken met mezelf: ik zou stoppen met roken (tot op heden in geslaagd), ik zou nooit nog wiet aanraken (ook niet meer aangeraakt), ik zou veel minder koffie drinken (ook in geslaagd) en bovenal: ik zou dat kind dat we samen wilden wel eens op de wereld zetten. Dat laatste heb ik terug naar de achtergrond gedrongen, dat kind wil ik nog steeds, maar het moet niet persé morgen meer. Ik moest in die dingen slagen van mezelf, maar ik werd er ook zo moe van, ik eiste enorm veel van mezelf. Werksgewijs gezien ging het moeilijk: ik was over-, over-, oververmoeid en bleef twee weken thuis. Voor mij voelde dat als falen, ik heb die twee weken vooral veel geslapen, echt geslapen.

En dan kwam ik in de fase van verdriet en depressie, de fase waar ik enorm veel in weende, constant zat ik te wenen, om het stomste eerst. Met een onnozele soap als thuis zat ik te wenen, ik wist niet dat ik zo veel tranen in me had. Ik kreeg minder zin om dingen te ondernemen, mijn huis lag er vaak slordig en vuil bij, maar ik trok het me niet aan. Het is te zeggen: ik trok het me wel aan, maar ik had de fut niet om er iets aan te doen. Ik kon me moeilijk concentreren en heel mijn slaappatroon werd door elkaar gesmeten, ik had geen zin om op te staan. Ik deed alles wel nog, maar met veel moeite, vaak had ik zin om de hele dag naar de tv te staren en zelfs dat gaf me geen goed gevoel.  In deze fase zit ik nog deels, afgewisseld met de aanvaarding… het moment om verder te gaan. Ik voel me er bijna klaar voor, ik ween nog veel, maar Gui zit niet meer constant in mijn gedachten. Ik mis hem nog, maar ik denk dat ik hem voor een stuk altijd ga blijven missen. Ik voel me nu het meest gelukkig als ik aan onze leuke momenten denk, als ik denk hoe lief hij was, als ik gewoon denk aan hoe hij was en hoe een mooie tijd hij me gegeven heeft. Ik ben dankbaar, ook al zit ik nog deels in die verdriet en depressie-fase… Ik begin terug te kuisen, ik begin terug zin te hebben om dingen te ondernemen. Bij deze: wie van mijn vrienden wil nog eens afspreken?

ToolsHero_5_stages_of_loss_and_grief_Kubler-Ross

Vanaf vandaag

30 juni, 30 juni dan is het een jaar geleden dat ik hoorde dat Gui dood was en ik voel het zo hard, zo hard. Ik zit hier vaak te huilen, zo in mijn eentje…

Laatst zei ik tegen iemand dat het al een jaar is en dat de pijn niet minder wordt. Zei zij me dat het nog maar een jaar is… Zo veel pijn doet het nog, onbeschrijfelijk veel pijn… Ik vraag me af of het ooit wel minder wordt. Mensen zeggen dat ik er wel kom, elke dag doe ik mijn ding, elke dag ga ik verder met mijn leven, maar elke dag denk ik ook aan jou. Ik hoor je nog vaak lachen, je lachend “Hippie” roepen, ik hoor je overal… Ik droom vaak over je, en elke keer ik wakker word, doet het pijn dat het maar een droom was… Ik voel me zo alleen zonder jou, ook al heb ik vrienden en familie rondmiss eoapl me heen…

Nooit heb ik het gehad voor Rob de Nijs, maar enkele weken geleden zei iemand me dat ik naar “Vanaf vandaag” moest luisteren… Ik hoor hem nog steeds niet graag zingen, maar hier zit hij er boven op… Ik heb zo veel aan de tekst, zo voel ik het ook…  Waarom? Die vraag stel ik me nog zo vaak? Waarom? Al denk ik niet dat ik ooit het antwoord zal krijgen, zou er een hemel zijn? Zou er echt één zijn? Soms voel ik je zo dicht bij mij, alsof je mee kijkt, alsof je echt begraven bent in mij. Tegen Elke is verteld dat je een sterretje bent aan de hemel en ook ik zit ’s avonds vaak naar de hemel te kijken en hoop ik nog steeds dat ik er één zie fonkelen alsof je me hallo zou zeggen.

Tranen rollen momenteel over mijn wangen, maar vind ik dat erg? Ik denk het niet, het zijn tranen van geweldige herinneringen, het zijn tranen van gemis naar iets dat ik zo graag had. Tranen van verdriet ja, maar achter elke traan van verdriet zit minstens één mooie herinnering. En die zijn er genoeg… en nu hoor ik je net weer even lachend “Hippie” zeggen, zo als alleen jij dat kon… Maar wees gerust, jij was minstens een even grote hippie als ik! Ik hou nog steeds van je.

Vandaag begraaf ik jou in mij
Niet in de aarde, niet in die kist
Niet bij die bomen in de ochtendmist
Daar ben jij niet, jij bent veilig in mij.

Vandaag begraaf ik jou in mij
Niet bij die steen daar in die lange rij
Al die oude namen, daar hoor jij niet bij
Nee vandaag begraaf ik jou in mij.

Dan kan ik met je praten en antwoord geven
Dan blijf jij leven in mijn leven
Hier neem m’n ogen en kijk met mij
Neem m’n voeten en loop met mij
We gaan naar huis nu wij allebei
Vanaf vandaag leef jij in mij.

Vandaag begraaf ik jou in mij
‘k zal je niet zoeken waar jij niet bent
Blijf maar bij ons hier, waar je iedereen kent
Jouw plaats aan tafel hou ik voor je vrij.

We zullen lachen en weer plannen maken
‘k zal met je slapen en met jou ontwaken
Hier neem m’n mond en lach met mij
Neem mijn handen en voel met mij
Wat je nog doen wou doe ik erbij
Vanaf vandaag leef jij in mij.

Haal weg dat kruis en al die witte bloemen
Verscheur die krant waarin ze jouw naam noemen
Hier neem mijn ogen en kijk met mij
Neem m’n hart en leef met mij
Want jouw dood is nu voorbij, vanaf vandaag leef jij in mij

‘K zal 2 levens leven met jou in mij.

Hoe het weer mei werd en hoe het ook juni zal worden

Het valt maar moeilijk uit te leggen, het lijkt wel of ik me constant zenuwachtig voel… Ik zou niet weten hoe het anders te omschrijven. Tegen mijn psychologe zei ik dat Gui op 30 juni een jaar dood is en dat hij op 24 mei 39 zou worden. Ik zei haar dit ondertussen 3 weken geleden en het gaat simpelweg niet uit mijn gedachten… Ik weet niet wat ik voel, ik wil constant wenen, ik geniet wel van de kleine dingen, maar ik ben zo emotioneel. 24 mei is een zondag, vorig jaar was ik op 24 mei op uitstap naar Ieper: de grote oorlog. Nu heb ik spijt dat toen niet bij hem was, hij had dat graag gehad, maar die uitstap stond al langer vast. Dat ik nadien hoorde dat hij een leuke dag had gehad met zijn dochter en ’s avonds een pint had gedronken met zijn beste kameraad, maakt dat gevoel nu niet minder. Toen dacht ik dat er nog genoeg verjaardagen zouden volgen, tenslotte is een verjaardag toch nog steeds niet zo iets groots, vind ik.

De nacht van 7 op 8 juni kreeg hij dat ongeluk, 8 juni probeerde ik hem te bellen, ik wist dat hij was weg gegaan met zijn beste kameraad. Ik kreeg geen gehoor, niets, geen voicemail, niets… Ik belde om 14u ’s middags, ik dacht nog dat zijn GSM af stond, al was dat niet van zijn gewoonte… Ik belde nog een paar keer terug, niets, helemaal niets… Rond 16u stond ik aan zijn deur, niets te zien, geen beweging, niets, gewoon niets… Ik werd ongerust en belde zijn zus. Die was al even ongerust als ik, want hij ging tegen 14u zijn dochter daar ophalen, ook zij had al proberen te bellen… Ik bleef ongerust, de hele dag, tot ik rond 20u ’s avonds telefoon kreeg: Gui lag in het ziekenhuis, een ongeluk, hij lag in coma. Ik voelde op dat moment niets, gewoon niets. Ik sloot mij af, zette mijn GSM uit, facebook dicht, de volgende dag ging ik wandelen met mijn moeder… Ik vertelde het haar, maar het drong nog niet door, ik vertelde het alsof ik zou vertellen dat ik naar de bakker ging voor een licht grof gesneden. Pas die avond zette ik op facebook een foto van wat kaarsjes en dat ze branden voor iemand zeer speciaal. De vragen kwamen… de dagen erna… Mensen zeiden dat het in de krant had gestaan. Ik ging naar het ziekenhuis, zat daar samen met zijn zus en zijn vader. Ik keek naar zijn vader en besefte hoe hard Gui op hem leek van uiterlijk. Ik werd kwaad omdat de verpleging hem elke dag schoor, ik zei het niet, maar van binnen was ik kwaad. Gui had immers meestal een stoppelbaardje staan. Zijn dochtertje mocht niet binnen, kinderen onder de 12 jaar niet toegelaten. Voor mij voelde het alsof Gui er niet meer was. Ze zeiden me dat ik tegen hem moest praten, ik wist niet wat ik moest zeggen. Iemand zei dat ik hem zeker moest zeggen dat zijn dochter er niet binnen mocht en dat ik over gewone dingen moest praten. Zat ik daar “de zon schijnt vandaag.” Het leek zo banaal dat die zon scheen, ik voelde niet eens dat ze scheen, ik leefde toen in een waas… De éne moment was ik afscheid aan het nemen, de andere moment was ik hoopvol: alles zou goed komen en zelfs al was hij verlamd of wat dan ook, ik zou er wel voor zorgen…

Ik huilde niet, dat kon ik niet en toen maandagmorgen, 30 juni: telefoon… Gui was dood… Ik kroop in mijn bed daarna, ik wilde slapen, maar sliep niet. Die avond telefoon, of ik mee de begrafenis wilde regelen. Ik wilde dat wel, ik koos de muziek in samenspraak, ik schreef een gedichtje dat ik zou voorlezen… Ik kreeg te horen dat het zo mooi was, maar ik leek nog steeds niets te voelen, ik liep nog steeds weg. Mijn moeder en haar vriend waren op reis toen, ik ging vaak in hun hof zitten, weg van alles en iedereen (toen ik nog in het middelbaar zat, zei de vader van een vriendin dat we in the middle of nowhere woonde, om u een idee te geven)… Niemand wist er van, maandag was hij gestorven, zaterdag was de begrafenis. Vrij snel, denk ik. Ik koos een liedje voor Elke op de begrafenis, een liedje van De Leeuwenkoning, bewust in het Nederlands opdat ze het zou begrijpen. Ik koos ook voor Into My arms van Nick Cave. Er moest gewoon iets tussen zitten van Nick Cave, Gui was een grote Nick Cave-fan. Ik ook trouwens, komend weekend ga ik naar Nick Cave, samen met een vriendin, Gui gaat mee, met mij… sowieso

Van de begrafenis weet ik hoegenaamd niets meer, het lijkt wel of ik die uit mijn geheugen gegrift hebt, net zoals de koffietafel. Niets weet ik er nog van… Daarna kroop ik in mijn bed en zo ging de zomer door, ik lag veel in mijn bed. Ik merkte niet dat de zon scheen, ik deed niet veel, ik moest het laten doordringen, maar ik wilde niet. Ik deed een hemd van hem aan en kroop in bed, dat hemd rook zo goed naar hem. Het leek dan alsof hij bij me was. Zo kwam ik vorige zomer het liefste door: in mijn bed met zijn hemd aan. Ik leefde niet, ik overleefde…

Nu gaat het beter, veel beter, ik heb mijn zwaarste maanden doorgemaakt van december tot maart. Donkere weken toen, helemaal vast gezeten. Ik ging wel buiten als het moest, maar ook enkel als het moest. Ik ben die periode zelfs naar een optreden van Guido Belcanto geweest, niet dat ik er veel zin in had, ik was mezelf niet en kon er ook niet van genieten. Hoewel, niet is een groot woord, veel minder dan anders. Nu ga ik terug gaan, in de hoop er meer van te kunnen genieten dan toen. Maar nu is het op 30 mei… en in mei zou hij verjaren en in juni was er dat ongeluk en zijn dood… En toch zit ik nu niet vast, ik geniet van de zon die schijnt, ik ben goed bezig, denk ik dan… Het lijkt wel alsof ik moest zakken tot de diepte van de zee, zodat ik me goed kon afstoten naar het oppervlak, maar zelfs in het diepste van de zee zijn er mooie kleuren. Het doet wel nog steeds pijn en ik krijg die dagen simpelweg niet uit mijn gedachten en ze komen er aan. Mijn psychologe zegt dat op 24 mei en op 30 juni iets moet doen… Maar wat dan? Iets mijn zijn dochtertje misschien, zei ze… Misschien moet ik wel iets doen, ja…

Gui, Guido, Gui

Rouwen is iets vreemd… soms voel je het gemis van de persoon in kwestie harder dan op andere momenten…

Deze morgen vroeg iemand naar een match tussen mij en een andere man… Mja, misschien is die er wel… Oké, Gui zou willen dat ik verder ging, maar voelt het voor mij wel oké dat ik eventueel interesse heb in een andere man? Daarna wilde ik hem zo dicht bij me, ik deed zijn cadeau aan, een vest van Johnny Cash, zijn cadeau voor mij, om voor de hele dag aan te houden…
Nadien reageerde zijn zus op een foto op fb, een foto die ik getrokken had van kaarten voor Nick Cave waar ik met een vriendin naartoe ga. “Neem onze Gui in gedachten mee. “, schreef ze. Natuurlijk, hij was een Nick Cave-fan. Voor mij is hij er altijd bij, altijd, ik voel het alsof hij meekijkt.
Een hele dag dacht ik aan hem, soms met bijna de tranen in mijn ogen…
Kom ik thuis, lees ik op fb dat een vriendin er op gezet heeft dat ze met mij naar Guido Belcanto gaat… Gui, Guido, Gui, alleen dat blijft nazinderen…

Ik mis hem, nog steeds, zo hard, maar tegelijkertijd weet ik dat hij meekijkt, over mijn schouder, van bovenaf… Nooit geloofd in leven na de dood, waarom nu dan wel? Omdat ik het zo graag wil waarschijnlijk. Puur rationeel, nee, het kan niet en toch heb ik soms het gevoel dat hij naast me staat.
Laatst reed ik achter een auto, op de nummerplaat stond GUI, de hele weg van Mechelen naar Leuven reed ik er achter… Gui, Guido, Gui. Zelf kreeg hij die naam naar zijn nonkel, die een week voor hij geboren werd, stierf… Gui, Guido, Gui… Het is een Verlatijnse vorm van een Germaanse naam, wist je dat? Nee, waarschijnlijk niet, ik ook niet… tot vandaag. Veel gebruikt in Italië, klinkt dan ook logisch natuurlijk, het betekent bos… Daar hou ik me dan mee bezig…

Gui, jong, ik mis u!!!