Mijn brief aan Sinterklaas (2017)

sinterklaas-op-het-dak

 

Beste Sint,

 

Hier ben ik weer met mijn jaarlijkse brief. Ik blijf hem schrijven, misschien ben ik al 33: diep in mezelf blijf ik een klein meisje die elk jaar reikhalzend uitkijkt naar uw komst. Volgende week is het zover, dan bent u weer in België. Ik kijk er naar uit, het mooiste feest van het hele jaar.

Er is het afgelopen jaar weer veel gebeurd, beste Sinterklaas. Ik begon met vrijwilligerswerk bij Uilenspiegel. Psychiatrische patiënten/cliënten/GGZ-gebruikers of welke naam ze dan ook wensen, verdienen best een beetje aandacht, niet dan? Er is nog steeds stigma, ik vraag me trouwens af of dat ooit voorbij zal gaan. Ik ben er zeker van dat u dat ook niet goed keurt en het gebeurt eigenlijk constant, zelfs goedbedoeld is er constant stigma. Succesvolle artiesten noemen ze dan exentriek, de modale burger die wat anders is: dat is een andere zaak. Nu ja, ik wil me daarvoor inzetten, het is een missie, een doel geworden. Eigen verhalen delen, maar ook dat van anderen en dat doe ik al schrijvend, want dat doe ik graag. Het is mijn manier… zo heeft ieder toch zijn eigen manier, niet waar? Ik doe mijn best, ook het taboe rond onvervulde kinderwens en fertiliteitstrajecten wil ik zo verminderen. Ik maak van mij kwetsbaarheden mijn kracht, zegt men mij de laatste tijd en zo zou ik een stem geven aan een hele groep mensen. Doe ik dat echt, beste Sint? Soms is het best beangstigend, maar het is wel mijn manier om voor anderen op te komen, als ik dan toch geen verpleegkundige meer mag zijn, moet ik wel een andere manier nemen om dit te doen. Doe ik dit goed, beste Sint? Ik hoop het…

Ik ga je dit jaar weer hetzelfde vragen als vorig jaar en het jaar daarvoor en… Ik zou toch zo graag een kindje willen, beste Sint. Ik zeg wel dat ik elk jaar naar uw komst uitkijk, maar ik zou er nog veel meer naar uitkijken als je bij mijn kind kon komen. Ik ga ze weer zien, op facebook, de bezoeken van u aan al die kinderen en hoe leuk ik uw hele feest ook vind, dat kan ook best pijn doen. Och ja, ik ben er zeker van dat u uw best doet om die wens in vervulling te laten gaan. Maar ja, het is toch wel heel moeilijk waarschijnlijk. Het is ook best zwaar aan het worden, beste Sint, al die hormoonbehandelingen enzo. Elke keer zetten ze me in de menopauze om dan weer volop hormonen te krijgen, het is een uitputtingsslag, maar ik ga door. Ik heb nooit geweten dat een kinderwens zo diep kon zijn. Beste Sint, ik heb dit jaar normaal gezien een pick up en een terugplaatsing tijdens uw verblijf in ons land, kan u echt niets doen?

Bedankt trouwens, om vorig jaar ook mijn beste vriendin tijdens uw verblijf hier te helpen aan de overkant. Ik ben er zeker van dat u dat goed gedaan heeft en dan ze nu rustig aan de andere kant is. Men zei mij weleens dat u nog steeds in de hemel komt. Kan u haar veel liefs overbrengen en zeggen dat ik haar mis, maar dat het hier ook wel gaat? Kan u ook aan Guido vertellen dat ik me nog steeds zijn vriendin voel en zo goed mogelijk voor zijn dochter probeer te zorgen? Ook dat is best moeilijk, beste Sint. Ze heeft het moeilijk, u weet wel op welke vlakken. Het is een braaf kind, maar soms maak ik me er best veel zorgen over en huil ik mezelf erom in slaap. Ik doe mijn best, maar is dat wel genoeg? Voor haar mag u natuurlijk wel komen, ik heb nog geen flauw idee wat ze u wil vragen dit jaar, maar ik ben er zeker van dat u uw best wel doet om haar een mooi cadeau te brengen.

Beste Sint, ook dit jaar wil ik weer voor u klaar staan en mijn interim-job opnemen en door die schoorstenen kruipen moest er weer te veel werk zijn. Ik blijf deze job nog steeds de leukste van allemaal vinden. Ik heb nieuwe werkkleding gekocht, beste Sint en ik mag zeggen dat mijn nieuwe kostuum van betere kwaliteit is dan het vorige. Dat heb ik laten herstellen trouwens, reservekledij is steeds belangrijk.

Veel liefs,

Uw kapoen,

Els

Alias de Piet die vorig jaar van het dak viel

Oberservatie en interpretatie: een belangrijk verschil

Ik heb psychiatrisch verpleegkunde gestudeerd. Nu werd bij ons de nadruk erg gelegd op het verschil tussen observatie en interpretatie. Heel vaak denk ik dat dat vak gewoon op de middelbare school zou gegeven moeten worden als een soort van basisvak. Veel mensen interpreteren namelijk als ze denken dat ze observeren. Ik vind dit nu even heel belangrijk om een blog over te schrijven, omdat het bij mij al vaak voorgekomen is, maar ook omdat ik het in mijn omgeving zie: bij vrienden, familie en kennissen en zelfs bij volstrekt onbekenden.

 

Om een vrij concreet voorbeeld te geven dat onlangs boven water kwam en dat zelfs iets van twee jaar geleden was. Ik ging tijdens een feest huilend van tafel. Werd me gezegd dat ik dat doe omdat ik dan wil dat er iemand achter mij komt. Juist niet, denk ik dan, ik ga weg om alleen te zijn, anders zou ik wel blijven zitten. Dat doen veel mensen als ze huilen en het hen wat te veel is trouwens: even het alleen zijn opzoeken om weer tot zichzelf te komen. Toen ik dat anderen vertelden, vonden zij mijn verklaring trouwens veel logischer dan de interpretatie die er was gebeurd.

 

In dit geval is de observatie: ze huilt en gaat weg van tafel.

 

De interpretatie is duidelijk: ze vraagt aandacht en wil dat we er achter gaan. Totale verkeerde interpretatie dus. Ik alleen weet op die moment namelijk enkel wat ik voel, denk en wil. Een ander kan dat nooit, maar dan ook nooit invullen voor mij.

 

Ik kan zo tientallen voorbeelden opnoemen, niet alleen bij mij, ook bij anderen. Daarom dat ik vaak denk, eigenlijk zou iedereen dat moeten leren. Ik zeg altijd dat ik niet weet wat een ander denkt, wilt of voelt. Ik kan wel de interpretatie maken dat iemand iets doet om die reden, maar ik ben me er steeds van bewust dat ik er helemaal naast kan zitten ook. Ik weet het pas zeker als ze het me zelf zeggen of als ik het vraag en ze me willen antwoorden (want dat moet ook niemand doen uiteindelijk). En het is jammer dat kennelijk bijna enkel mensen die psychiatrie of psychologie gestudeerd hebben dat ook echt kennen. Cliënten trouwens ook, want hen wordt dat vaak ook geleerd.

 

Iedereen weet dat ikzelf ook ervaringsdeskundige ben in de psychiatrie, ik weet dat ik tijdens een sessie sociale vaardigheden ooit zei: ik doe dat allemaal volgens de regels, maar mijn omgeving niet.  Die zouden hier ook moeten bijzitten. De psychologe die het gaf, zei dat dat vaak voorkomend is en dat ik 100% gelijk had. Dat is al heel lang geleden, diezelfde sociale vaardigheden kreeg ik ook tijdens mijn studies. Ik heb dan ook nog assertiviteitstraining enzo gevolgd, werd dat nog eens allemaal herhaald. Ja, het verschil tussen interpretatie en observatie ken ik heel goed ondertussen, dan mag ik echt wel zeggen, vind ik.

 

In de psychiatrie moeten we vooral zien dat we observaties noteren, interpreteren is niet echt goed. Als iemand in een hoekje gaat zitten en zich wat verstopt in zijn kleren kan dat zijn omdat die zich niet goed voelt en zich wil afsluiten van de rest (waar overigens niets mis mee is), maar het kan ook zijn dat die het gewoon koud heeft en de verwarming daar toevallig staat of dat het daar niet tocht. De observatie is gewoon dat die persoon met zijn kap op in een hoekje gaat zitten, niets meer of minder. Als je echt wil weten waarom iemand iets doet, kan je dat beter vragen. In dit geval vraag je gewoon: waarom kom je hier zitten en zet je je kap op? Algemene tools die iedereen krijgt aangeleerd die in de psychiatrie wil gaan werken. Eigenlijk ook vrij simpele tools die iedereen zou moeten toepassen. Een student had ooit tijdens zo’n les tegen de docent gezegd dat die lessen haar huwelijk gered hadden, ik kan mij dat indenken, echt waar!

 

Ik spreek zelf veel van bijvoorbeeld “ik vind dat mooi” om mijn mening te geven, maar ik zeg nooit “het is mooi”. Want het is niet omdat ik dat vind, dat een ander dat ook vindt. Ik zeg ook nooit “ik weet dat die dat doet om die reden”, ik spreek van “ik denk dat die dat doet om die reden.” Omdat dat laatste een interpretatie is en dat eerste een mening…. Dat zijn geen dingen die zijn, dat zijn persoonlijke visies en interpretaties.

 

Natuurlijk interpreteer ik ook, dat doet iedereen. Maar ik ben mij er heel vaak van bewust dat ik interpreteer en nooit zeker kan zijn dat het zo is, tenzij ik het navraag aan de persoon zelf. Mensen zouden verbaasd kunnen zijn waarom iemand iets doet omdat ze iets helemaal anders denken dan wat de persoon zijn motivatie is om iets te doen.

 

En daarom vind ik dat dat een algemeen vak zou moeten zijn op de middelbare school, want tussen observatie en interpretatie ontstaan veel misverstanden en gaat veel liefde en begrip verloren. En dat is jammer, heel jammer.

Onderstaande uistpraak poste een fb-vriendin, mijn vroegere lerares Nederlands en Engels. Ik heb ze wel graag, maar wat ik vooral wil zeggen: ik vind hem hierbij passen, helemaal….

bedold

Deze uitpraak poste een fb-vriendin, mijn vroegere lerares Nederlands en Engels. Ik heb ze wel graag, maar wat ik vooral wil zeggen: ik vind hem hierbij passen, helemaal….

 

12 oktober, een avond in Brussel: daklozen, Dirk De Wachter en Brenda Froyen

Op 12 oktober ging naar Brussel, op 16 oktober had ik een ongeluk. Schrijven werd moeilijk wegens een hersenschudding, maar dit schreef ik dus op 12 oktober in het station van Brussel-Noord toen ik op mijn trein naar huis aan het wachten was. Ik ging naar een debat en zag vele daklozen die mijn hart braken.

debat

Ging ik naar een debat: Brenda Froyen, Dirk De Wachter en nog iemand dat ik niet ken. Ik bleef wat op mijn honger zitten, vond het niet echt boeiend al werden er zeker belangrijke punten aangehaald. Wat ik daarna, onderweg naar het station zag, raakte me echter diep. Heel diep. Ik zag zo vele daklozen: veel mannen, maar ook gezinnen. Om de meter bijna, de gelukkigen hadden dekens, anderen enkel stukken karton (ze waren al blij dat het eens vers karton was, denk ik, want dat stond buiten voor de vuilkar). Ik werd er ziek van, echt ziek. Ik kocht bij een pizzeria twee pizza’s voor zo’n gezin. Een ander gezin gaf ik mijn twee blikjes Finley. Ze waren me dankbaar, zelden zo een dankbaarheid gevoeld, maar ik voelde me zo hulpeloos, kan niet iedereen helpen en moet zelf ook nog eten. Overal reden legerwagens rond, militairen liepen over straat met hun wapens klaar. Precies een land in oorlog, dacht ik. Dan zag ik een man, over zijn toeren, riep vanalles in het Frans, was duidelijk psychotisch. Hij stonk ook, enorm, naar urine en nog wat ondefinieerbare geuren. Ik weet niet waarom: ik wilde hem gerust stellen, wat dacht ik eigenlijk te bereiken??? Ik weet het niet…. De man deed mij voor alle duidelijkheid niets. Er kwam politie, ze trokken me bij hem weg en behandelden hem als een crimineel: ca va? Vroegen ze me, ze konden geen Nederlands. Ik probeerde te zeggen dat de man hulp nodig had, ze lieten hem voor wat het was. Kwam ik net van een debat over psychiatrische hulpverlening en dan sta je daar…. Ik liep verder: mensen slapen in het station en je weet dat ze na de laatste trein buiten gezet worden…. ik was er niet goed van. Ik wacht nu op de trein naar Mechelen. Rome bij nacht, zingt Guido Belcanto. Ik wil nu schrijven over Brussel bij nacht…. wat ik zag, heeft me diep geraakt, heel diep… Ik ben blij dat ik sebiet in mijn bed kan kruipen, iets uit de ijskast kan nemen en mensen rond me heb die me helpen, heel erg dankbaar ben ik.

Wat ik ook nog wil zeggen: ik ben een psychiatrisch verpleegkundige en ervaringsdeskundige…. die twee kunnen verenigd worden… maar nog lang niet overal. Als verpleegkundige gaan solliciteren in de psychiatrie als ze te horen krijgen dat je zelf ooit in de psychiatrie gezeten hebt (we spreken nu van meer dan 10 jaar geleden, die opnames. Oh ja, ik heb 8 verschillende diagnoses gekregen), krijg je vaak te horen dat je daar dan niet kan werken. Ik neem zelfs geen medicatie meer, ik ga om de vier maanden eens dag zeggen aan een psychiater die zelfs vindt dat dat niet meer hoeft. Daar wil ik niet eens werken, want ja: hoe denken ze dan niet over hun patiënten? Vechten moet ik doen, de laatste hoofdverpleger wilde me juist aannemen omdat ik een verpleegkundige ben met ervaringsdeskundigheid, dat zijn de besten zijn, hij! Ik heb er hier nog zo één rondlopen. Spijtig dat ze het intern konden oplossen…. het gebeurt traag, maar zeker…. Hier en daar heb je herstelvisie… Vroeger hield ik angstvallig verborgen dat ik in de psychiatrie gezeten heb, tegenwoordig niet meer. Ik sta achter de hertelvisie, helemaal, en mijn droom is om te werken als psychiatrisch verpleegkundige met ervaringsdeskundigheid, maar dan wel in een dagtherapie. Ik heb namelijk een psychische kwestbaarheid en kan niet tegen in shiften werken, dan slaap ik bijna niet meer en word ik psychotisch…

Voelde me ergens ook wat aangevallen als psychiatrisch verpleegkundige door Brenad Froyen herkende dan weer veel als ervaringsdeskundige….En oh ja, ik werd in het verleden ook vaak kwaad op collega’s “geef die mensen wat krediet!” dacht ik vaak. Waarschijnlijk vanuit mijn eigen ervaring. Een ervaringsdeskundige zei me vorig jaar dat ik al herstelgericht werkte voor er sprake was van herstel. Het kan goed zijn, ik werd er telkens voor ontslagen. Mensen als mensen behandelen, in dialoog gaan…. gek dat dat kan werken, niet waar? De psychiaters waren meer voor het platspuiten. Als meer hulpverleners zouden open staan voor de ervaringen van ervaringsdeskundigen (en die zijn ook voor iedereen verschillend), het zou mooi zijn….

Och ja, niet alles is zwart-wit, denk ik dan ook weer….

En waarom ik dit hier nu wil neerpennen, weet ik zelf niet eens. Ik wil het kwijt allicht. Ik begrijp mezelf ook niet altijd helemaal.