12 oktober, een avond in Brussel: daklozen, Dirk De Wachter en Brenda Froyen

Op 12 oktober ging naar Brussel, op 16 oktober had ik een ongeluk. Schrijven werd moeilijk wegens een hersenschudding, maar dit schreef ik dus op 12 oktober in het station van Brussel-Noord toen ik op mijn trein naar huis aan het wachten was. Ik ging naar een debat en zag vele daklozen die mijn hart braken.

debat

Ging ik naar een debat: Brenda Froyen, Dirk De Wachter en nog iemand dat ik niet ken. Ik bleef wat op mijn honger zitten, vond het niet echt boeiend al werden er zeker belangrijke punten aangehaald. Wat ik daarna, onderweg naar het station zag, raakte me echter diep. Heel diep. Ik zag zo vele daklozen: veel mannen, maar ook gezinnen. Om de meter bijna, de gelukkigen hadden dekens, anderen enkel stukken karton (ze waren al blij dat het eens vers karton was, denk ik, want dat stond buiten voor de vuilkar). Ik werd er ziek van, echt ziek. Ik kocht bij een pizzeria twee pizza’s voor zo’n gezin. Een ander gezin gaf ik mijn twee blikjes Finley. Ze waren me dankbaar, zelden zo een dankbaarheid gevoeld, maar ik voelde me zo hulpeloos, kan niet iedereen helpen en moet zelf ook nog eten. Overal reden legerwagens rond, militairen liepen over straat met hun wapens klaar. Precies een land in oorlog, dacht ik. Dan zag ik een man, over zijn toeren, riep vanalles in het Frans, was duidelijk psychotisch. Hij stonk ook, enorm, naar urine en nog wat ondefinieerbare geuren. Ik weet niet waarom: ik wilde hem gerust stellen, wat dacht ik eigenlijk te bereiken??? Ik weet het niet…. De man deed mij voor alle duidelijkheid niets. Er kwam politie, ze trokken me bij hem weg en behandelden hem als een crimineel: ca va? Vroegen ze me, ze konden geen Nederlands. Ik probeerde te zeggen dat de man hulp nodig had, ze lieten hem voor wat het was. Kwam ik net van een debat over psychiatrische hulpverlening en dan sta je daar…. Ik liep verder: mensen slapen in het station en je weet dat ze na de laatste trein buiten gezet worden…. ik was er niet goed van. Ik wacht nu op de trein naar Mechelen. Rome bij nacht, zingt Guido Belcanto. Ik wil nu schrijven over Brussel bij nacht…. wat ik zag, heeft me diep geraakt, heel diep… Ik ben blij dat ik sebiet in mijn bed kan kruipen, iets uit de ijskast kan nemen en mensen rond me heb die me helpen, heel erg dankbaar ben ik.

Wat ik ook nog wil zeggen: ik ben een psychiatrisch verpleegkundige en ervaringsdeskundige…. die twee kunnen verenigd worden… maar nog lang niet overal. Als verpleegkundige gaan solliciteren in de psychiatrie als ze te horen krijgen dat je zelf ooit in de psychiatrie gezeten hebt (we spreken nu van meer dan 10 jaar geleden, die opnames. Oh ja, ik heb 8 verschillende diagnoses gekregen), krijg je vaak te horen dat je daar dan niet kan werken. Ik neem zelfs geen medicatie meer, ik ga om de vier maanden eens dag zeggen aan een psychiater die zelfs vindt dat dat niet meer hoeft. Daar wil ik niet eens werken, want ja: hoe denken ze dan niet over hun patiënten? Vechten moet ik doen, de laatste hoofdverpleger wilde me juist aannemen omdat ik een verpleegkundige ben met ervaringsdeskundigheid, dat zijn de besten zijn, hij! Ik heb er hier nog zo één rondlopen. Spijtig dat ze het intern konden oplossen…. het gebeurt traag, maar zeker…. Hier en daar heb je herstelvisie… Vroeger hield ik angstvallig verborgen dat ik in de psychiatrie gezeten heb, tegenwoordig niet meer. Ik sta achter de hertelvisie, helemaal, en mijn droom is om te werken als psychiatrisch verpleegkundige met ervaringsdeskundigheid, maar dan wel in een dagtherapie. Ik heb namelijk een psychische kwestbaarheid en kan niet tegen in shiften werken, dan slaap ik bijna niet meer en word ik psychotisch…

Voelde me ergens ook wat aangevallen als psychiatrisch verpleegkundige door Brenad Froyen herkende dan weer veel als ervaringsdeskundige….En oh ja, ik werd in het verleden ook vaak kwaad op collega’s “geef die mensen wat krediet!” dacht ik vaak. Waarschijnlijk vanuit mijn eigen ervaring. Een ervaringsdeskundige zei me vorig jaar dat ik al herstelgericht werkte voor er sprake was van herstel. Het kan goed zijn, ik werd er telkens voor ontslagen. Mensen als mensen behandelen, in dialoog gaan…. gek dat dat kan werken, niet waar? De psychiaters waren meer voor het platspuiten. Als meer hulpverleners zouden open staan voor de ervaringen van ervaringsdeskundigen (en die zijn ook voor iedereen verschillend), het zou mooi zijn….

Och ja, niet alles is zwart-wit, denk ik dan ook weer….

En waarom ik dit hier nu wil neerpennen, weet ik zelf niet eens. Ik wil het kwijt allicht. Ik begrijp mezelf ook niet altijd helemaal.

Positieve punten in een echte rotweek of hoe ik gelukkig leef met ongeluk.

Vandaag denk ik enkel aan mezelf, heb ik me voorgenomen. Opgestaan met beginnende migraine, sumatriptan ingenomen, nog iets zeurend, maar kan al terug iets doen….

Afgelopen week een vrij zware week en ik verlang vooral naar rust. Vandaag neem ik dus gewoon even rust, totale rust. Bij rust denk ik ook aan ontspanning. Schrijven is ontspanning voor mij, dus ik ben hier nog eens. Ik kies er echter niet voor om te schrijven wat er allemaal in de omgeving aan het gebeuren is. Ik wil me op iets positief richten. Dus nu ga ik even bekijken wat me ondanks alle miserie toch wel blij maakte afgelopen week.

Op nummer één staat een goede vriendin, die me de avond nadat mijn grootvader was gesedeerd kwam opzoeken. Zodat ik even kon uithuilen. Dat bij iemand kunnen doen is nog steeds leuker dan alleen zitten en dat bij niemand kunnen doen. En via telefoon of via facebook is dat nog steeds heel anders dan als er iemand naast u zit. Dus beste vriendin, bedankt.

De volgende dag werd ik uit mijn kot gelokt door de buurvrouw. Ze wilde de deuren versieren met Halloween decoratie en vroeg of dat bij mij ook mocht. Wij hebben zo een gezamenlijk dakje boven onze deur, dus alleen dat van haar zou inderdaad geen zicht zijn. Ik denk dat ze wat compassie hadden met mij, een goede vriendin van haar was daar ook bij en ik mocht bij hen binnenkomen. Niet dat ik daar nooit eerder ben binnen geweest, t zijn toffe mensen. Praten met elkaar, over serieuze dingen, over grappige dingen en ik kreeg vers gekookt eten voor mijn neus geschoteld. Dat deed me zo goed. Lieve buurvrouw: dank u!

decapZaterdag ging ik met een vriendin naar de opendeur van de orgelfabriek Decap in Herentals. Heel interessant. Wist je dat ze zo’n gaatjeskarton voor een orgel in een soort van scanner kunnen steken om dat op een computer te zetten? Ik sta er nog van te op te kijken! Na die rondleiding van Tony Decap nog in de spiegeltent gaan amuseren. Diezelfde voormiddag kwam ook een vriendin een kattenluik voor mijn kat installeren. Ondertussen gebruikt meneer zijn privé-ingang heel vlotjes. Ook mijn luster is intussen gerepareerd en hangt weer op. Ook de lattenbodem is weer gerepareerd. bedankt!!!! Zo’n mensen kan ik dan zo dankbaar zijn.

Zondag ging ik naar de boekvoorstelling van Dirk De wachter. Dat deed me zo een deugd, zo een deugd. Om de één of andere reden hang ik bij die man steeds aan de lippen. Ook ons de-wachter-boodsschapgesprekje onderling daarna was een fameuze opsteker! Schone man, die Dirk De Wachter. Vanbinnen dan toch, over een buitenkant kan me altijd discussiëren, maar over zijn binnenkant alvast niet. Hij schreef ook nog een mooie boodschap in mijn boek (enfin, zijn boek dus, dat ik kocht en ik nu ga lezen en daarna mijn boekenkast ga inzetten omdat ik die na een tijd nog wel eens zal willen lezen!)

De volgende dag ging ik yoga doen, deugd dat dat deed. Echt waar. Ik zat die namiddag nog bij vrienden. En kon ik een artikel lezen door een vriendin uit De Standaard over Dirk De Wachter. De titel was “Doe niet alsof alles leuk is, leef met je ongeluk.” Het is dat wat ik doe en wat mij juist gelukkig maakt, ondanks dat ongeluk. Oké, het is wat veel allemaal nu, maar ondanks alle pijn en verdriet voel ik mij niet ongelukkig. Slecht misschien wel, maar niet ongelukkig. Groot verschil. Mild zijn voor mezelf, gevoelens omarmen en laten zijn. Het is dat wat een mens gelukkig maakt. Naar mijn mening, ik noem gevoelens ook nooit positief of negatief, die gevoelens, ze zijn allen nodig en horen allen bij een mensenleven. Gelukkig maar of we zouden apathische wezens zijn.

hart-boven-hardGisteren heel weinig geslapen, ik werd gevraagd om de zus van mijn vriend in het ziekenhuis even af te lossen. Dat meisje, de dochter van mijn overleden vriend dus, ligt in het ziekenhuis. Al sinds vorige donderdag. Ik zat daar, was er niet goed van, maar toen die meid zei dat ik zo lief was en vroeg of ze me een kusje mocht geven, werd ik weer helemaal warm vanbinnen. Ik heb haar zoals vroeger voorgelezen, omdat ze dat nu zelf niet kon lezen. Ze vond dat leuk, dat zag je en dat maakte me ook blij. Daarna ging ik naar Leuven en kwam ik een pracht van een affiche tegen van Hart boven Hard. Ik wil me daar nu eigenlijk ook eens actief voor gaan engageren eigenlijk. Die avond nog verse vol-au-vent gegeten, gewoon met frieten. ‘S avonds iets gaan drinken nog met vrienden, dat deed deugd. Niet zo laat gebleven als anders dan nu. Een totaal onbekende mens op fb verder geholpen met een schreeuw om hulp. Maakt mijn dag ook weer goed. Niet dat ik veel deed, maar een telefoonnummer doorgeven van twee psychiaters kan al veel doen blijkbaar. Die mens bedankte me uitvoerig. Het was alleen erg dat hij eerst beoordeeld of zelfs veroordeeld werd tot en met. Maar goed, ik was gelukkig dat ik de mens kon helpen, ook al ken ik hem niet! Anderen ook doorverwezen naar Kinderwens Vlaanderen, ook die mensen heel blij, al ken ik die ook niet!

Vandaag volledig rustdag. Opgestaan met migraine, nog in lichte vorm. Sumatriptan meteen ingenomen en het is al beter. Afspraak gemaakt bij Shanti van Kinderwens Vlaanderen. “Verlies triggert verlies” zei ze. Ze stelde het zelf voor, ja, ik vraag dat zelf niet, hè! Nog steeds een mankement: hulp vragen. Al lukt dat al beter dan vroeger. En totaal onverwacht naar Dirk De Wachter ook deze avond… Ik wilde rust, maar Dirk de Wachter geeft me rust, echte rust. Dus oké, dat is in orde. Eerst deze namiddag een lang badje nemen, volledige rust. Beetje muziek op en verder niks.

Ergens daartussen ook de zus van Gui moeten geruststellen, ze was door iets serieus gekwetst. Ik begrijp dat, volledig zelfs. Maar blijkbaar was ze zo blij met mijn reactie daarop dat ze wel weer was gerustgesteld. Al zei ik dat vooral tegen haar zoon. Op fb, dat wel, maar ook daar was ze zo blij mee. De volgende dag was ze geblokkeerd op fb, was ze helemaal in paniek omdat ze nu geen vrienden meer kon zijn met haar broer. Gelukkig dat ik dat e-mailadres en het wachtwoord van zijn profiel nog heb. Deed heel vies daarop te komen, maar ik kon ze terug vrienden maken met haar broer. Naar de rest heb ik niet gekeken, enkel dat gedaan. Ze is weer zo gelukkig als een klein kind dat een ijsje krijgt omdat ze terug aan het profiel van haar broer kan. Mensen blij maken, ik doe het graag. Maar tsja, ik vergeet ook niet wat zij voor mij allemaal al gedaan heeft, dan was dit maar een kleintje.

Morgen begrafenis… hoeft voor mij niet. Ik heb daar niets aan, ik merk elke keer dat ik daar maar zit zonder echt iets te horen of  rond me te zien. Bedenk me dan gelukkig ineens daarstraks dat ik toch een kleed heb dat men wel als goed zal beschouwen. Zat ik al een week mee in mijn kop… een hippie past niet op een begrafenis, vindt men. Stom vind ik dat, dat is wie ik ben, mijn grootvader heeft me zelf zo altijd gezien, denk ik dan. Nu ja… ik heb toch iets in de kast liggen dat er mee door kan. Dus ook hier weer een positief puntje. Al is dat eerder om anderen gelukkig te maken en niet mezelf. Ik pleit er eerder voor dat iedereen op zijn manier moet afscheid kunnen nemen, dus als ik daar in kleurtjes en als hippie wil staan, vind ik dat dat moet kunnen. Nu goed, ik wil verder ook geen gezever, dus heu: een zwart kleed dus, wel van desigual maar met enkel rood in. Zal wel goed zijn en toch ook nog mijn stijl. Iedereen content. Dus ik ook gelukkig dat ik dat in de kast hangen had. Het is voor de winter, maar ja, misschien moet ik die kleren toch eens gaan boven halen ook! 😉

Positief dus, want er zijn altijd positieve kanten aan het leven. Ik doe niet alsof alles leuk is en leef volledig met mijn ongeluk. Maar juist daardoor voel ik me niet ongelukkig, alleen even heel slecht en kan ik nog wel de positieve dingen zien en me nog amuseren ook. En dat ik verder geweldige vrienden heb, echt geweldige vrienden, schatten van vrienden en ook een buurvrouw dus, waar ik op kan rekenen. Die zelf af en toe bellen om te vragen hoe het nu gaat of een klein sms’je sturen of gewoon een virtuele knuffel of eentje in het echt! Ik heb supervrienden! Allemaal zo hard bedankt!!!!! Zo hard bedankt!!!!