Maandag, verwendag

Ik ben bezig met suprefact in het fertiliteitstraject. Het is moeilijk in te denken wat dat met je doet als je het niet kent. Het legt uw eigen hormonaal systeem eigenlijk redelijk abrupt plat. Dit gaat bij mij gepaard met migraine (en ik kan nu al meer tijdens migraine dan ik ooit voor mogelijk hield, men kan niet anders. IVF-woman are warriors! ), braken, misselijk en af en toe flauw vallen. Het maakt dat ik deze periode niet veel afspraken Awesome-quote-about-IVFgemaakt heb, ik wist dit nog van de vorige keer. Buiten komen is geen aanrader, elke prikkel doet de hoofdpijn toenemen, van uw sus draaien als je rijdt lijkt me ook niet aangewezen. Het is bovendien ook handig dichtbij de wc te blijven.

Gisteren had ik zo een –“stay-in-bed”-day. Zaterdag over mijn eigen grenzen geweest en dan gisteren nog iets erbij waar ik van schrok. Het was best verschietelijk. Een geruststellende mail van mijn fertiliteitsdokter doet in deze al wonderen.

Nu goed, het deed me besluiten er voor mezelf een verwendagje van te maken. Na al bijna een hele week mijn bed gezien te hebben, wilde ik vandaag aan pure vrouwenverwennerij doen. Nu ben ik niet zo van de make-up enzo en houd ik het liever natuurlijk…. Maar ik verzorg me wel graag natuurlijk.

Mijn haartjes dus, mijn trots…. Ze zagen al veel af door het hele fertiliteitstraject. Mijn weelderige haarbos is niet meer…. Ik heb daar al menig traantje voor gelaten. Mijn haar is heilig…. Ik werd geboren en het eerste wat mijn grootmoeder naar het schijnt zei was: “amai, die heeft veel haar”.  Ja, als ik foto’s van toen bekijk, was dat ook zo. Dat is nooit weggegaan. Mijn grootvader zei me als kind meer dan genoeg dat ik zo een mooi haar had. Dan ging ik met mijn hoofd op of tegen zijn buik liggen en ging hij er met zijn hand door…. Mijn moeder vond het misschien ook wel mooi, maar had vooral een hekel aan het kammen. Misschien zeg ik beter borstelen, een kam kon er nooit doorheen, nog steeds niet: de tanden breken erop af. Nu ja, mijn moeder had de gewoonte om het twee keer in het jaar te laten knippen, zo een kort carré’ke en dan kon het weer een half jaar groeien, dan terug in een carré’ke. Ik had ook zo een frou’ke. Toen ik 11 of 12 was besloot ik dat ook te laten groeien, ook de carré’kes wilde ik niet meer. Ik wilde lang haar: mooi, lang, dik en veel haar. Een keer had ik er genoeg van en liet ik het kort knippen. Nog in de kappersstoel had ik al spijt van mijn beslissing toen ik al dat haar de grond op zag vliegen en besloot ik al het terug te laten groeien… Tsja, dat haar dus

Ik begon met fertiliteit, soms vallen de haren met dikke plukken uit, komt door de hormonen zeggen ze dan…. Het dunt ook uit en dan had ik nog de pech dat ik in het ziekenhuis belandde en er heel veel van mijn haar kapot gegaan is door erop te liggen. Ik had daar geen borstel, maar twee dagen enkel liggen en geen borstel zijn bij mijn haar gewoon regelrechte klitten. Ik kan heel gemakkelijke natuurlijke dreadlocks kweken. Ik heb toen heel veel haar kapot zien gaan, ook daarna…. Ik borstelde elke dag mijn haar, maar ik had elke dag pluisklitten, elke dag…. Daar moest de schaar dan in…. Tranen met tuiten huilde ik. Ik liet uiteindelijk een kapster komen, aan huis. Zelf raakte ik niet weg. Dat was voor mij iets ondenkbaar…. Een kapster…. Ik haat kappers, ze knippen te graag en ik wil graag lang haar…. Maar goed, dit kon niet verder, ze gaf het een keratine-behandeling…. Mijn krullen waren lange tijd weg, maar mijn haar was weer heel, het brak niet af en er kwamen geen pluisklitten meer in. Mijn vrienden vonden het raar: ik met stijl haar, maar het zag er wel gezonder uit, zeiden ze.
Ik had alleen niet veel haar meer…. Ik kocht mutskes om kale plekken te verstoppen, want die had ik wel echt…. Het haar bleef uitvallen…. Ik deed ook verder met hormoonbehandelingen, zelfs bij mijn fertiliteitsarts zat ik er om te huilen. Dat is meestal familiaal bepaald zei ze: haaruitval en uitdunning door hormonen. Hier moet je afscheid van nemen, zei ze, maar je gaat iets veel mooiers in de plaats krijgen. Tsja, daar zijn we nog steeds niet zeker van…. En ik blijf een tristesse ervaren als ik mijn haar samen neem of mezelf in de spiegel bekijk. Ik heb terug wat volume, mijn haar gaat niet meer stuk van er dag in, dag uit op te liggen, maar het is nog verre van wat het ooit was…

henna5
Henna poeder, hierbij doe je de groene thee, olie en water

Bij verwennerij hoort voor mij dus zeker ook de haartjes verzorgen…. Nu ben ik op dat vlak een puur natuur madam. Ik neem Henna (die koop ik gewoon in Marokkaanse winkel), meng het met groene thee en Argan Olie. Dit is de haarverzorging op de traditionele Marokkaanse manier. Sommigen vinden het vreemd, maar het haar van een vrouw is bij moslims iets heel belangrijks dus weten zij wel heel goed hoe haar te evrzorgen! 😉 . Bij moslims is het haar van een vrouw iets van aantrekking. De borsten en de billen misschien ook wel, maar het haar van een vrouw heeft daar een iets wat ik niet kan benoemen. Daarom dragen vrouwen vaak ook hoofddoeken, het haar is immers enkel gereserveerd voor hun man en niet voor andere mannen. Nu ja, bij de Marokkaan waar ik mijn henna koop, ben ik wel vaak het uithangbord als ik in de winkel sta. Stond de man daar: “kijk, hoeveel volume en hoe dik en hoe mooi dat haar is, zij koopt al jaren henna bij mij.” Dat is overigens wel waar, ik gebruik het al sinds ik 18 ben en koop het ook sindsdien al in die specifieke winkel.

Ik moet eerlijk zeggen dat het nu wel al heel lang geleden is, net als ik het wel kan gebruiken misschien. Ik kan niet goed uitleggen waarom het er maar niet van kwam. Ik vond mijn grijze glinsteringen in het haar ook wel leuk en met henna zouden die nu oranje gaan worden. (Jaja, ik word grijs, op mijn 33 glinstert er wel meer dan één grijze haar. Ik kan overigens niet zeggen dat ik dat nu zo erg vind. Ik vind dat net mooi, net daarom wilde ik dit niet verloren laten gaan door henna…)

Goed, ik had een weekend in de hel… Ik ben die dagen al gewoon sinds ik met fertiliteit bezig ben. It’s a way of life, zeg ik ondertussen. Het is ook gek dat dat ondertussen inderdaad zo aanvoelt. Ik val overigens af, maar mijn borsten blijven groter worden, nog zoiets! Leve de hormonen.  Nu goed, na dit weekend in de hel, wilde ik vandaag zelfverwennerij. Ik voelde deze morgen aan mijn haar… Enige tristesse was daar weer: zo dun nog, zo weinig nog…. En ik besloot het gewoon te doen: bye bye grijze glinsteringen, ik smeer mijn haar vol henna. Het gaat goed doen.

Ik nam twee doosjes henna (ooit had ik er drie nodig), nam de olie en de groene thee en deed er water bij tot het een smerige drek werd. Het doet nog het meest denken aan een koeienvlaai, zeg ik altijd. Ik ging op mijn stoeltje in de douche zitten en ik begon het in te wrijven. Er vielen klodders op de grond. Dat is overigens niet erg, het is in mijn douche, dat spoelt gewoon weg. Pakte het daarna in met zilverpapier zodat het warm en vochtig blijft en laat het verder intrekken. Ik moet vandaag nergens naartoe, dus het kan echt de hele dag intrekken, de hele dag, tot vanavond laat, zelfs tot morgen… Een goede verwennerij voor mijn haar. Ik heb overigens momenteel ook heel veel last van psoriasis op mijn hoofdhuid en henna is daar een goed middeltje tegen, ook tegen eczema trouwens. Straks zal mijn haar weer zijdezacht aanvoelen, heeft het meer volume, zijn klitten weer weken verleden tijd en heeft mijn haar die warme oranjerode gloed. Ik sta er ook wel mee, al zeg ik het zelf. Mijn vader vond het ook mooi, zei hij vroeger altijd, en zo vaak zei die zoiets niet.

 

Verdere verwennerij, het valt mee hoor. Benen waxen: men zou kunnen twijfelen of dat verwennerij is, maar voor mij zijn gladde benen wel een waar genot en die hb je bij scheren nooit, vind ik.  Die smeer ik daarna trouwens in met kokosolie. De plak die hier en daar achterblijft van het waxen is er door de vettigheid zo mee af en het verzacht echt na het uitrukken van de haren.

 

Een peeling van mijn gezicht deed ik eerder deze week al, met zo een houtskoolmasker. Blijkbaar lopen er waarschuwing voor rond op internet, ik denk ook dat je er pure brol mee kan kopen, maar dat van mij doet alleszins geen pijn bij het er afhalen. In de goedkopere online producten zou echt lijm zitten of zo, in de mijne kan ik er niets van terugvinden alvast. Als je het er afhaalt, vind ik vooral dat mijn huid daarna ook zo zacht aanvoelt. Dat de beschermlaag van je huid ermee afgehaald wordt, kan ik me overigens wel indenken, dat is eigen aan peelmaskers, denk ik.  Maar ik heb wel het gevoel dat ik even veel properder ben dan daarvoor. Of het echt nodig, nodig is, dat weet ik niet, het zal wel een idee zijn. Ook mijn gezicht smeer ik daarna in trouwens. Hieronder een filmpje met mijn blackface trouwens. Keep on moving, want het jeukt…..

 

Ik vijlde nog mijn nagels en deed nieuwe nagellak op mijn teennagels. Op mijn handen doe ik dat nooit.  Vanmiddag ga ik gewoon wat tekenen of schilderen, ook dat is verwennerij en waarschijnlijk even terug wat liggen, want die suprefact maakt je ook gewoon doodmoe. De hoofdpijn is vandaag gewoon hoofdpijn en geen migraine, dat help wel. 😉 En voor vanavond maak ik een lekkere wok…. Snel, eenvoudig en lekker.

 

Ondertussen brandt de wierook en zit mijn kat naast mij te spinnen. Ik heb misschien niet veel nodig om mezelf te verwennen, maar dit is verwennerij op zijn Elsiaans!

Dag lief kindje van mij

Dag lief kindje van mij,
Ik dacht dat je hier al lang zou zijn
Ik hoop door mijn tranen door
dat ik je gehuil snel mag horen
Het duurt al zo lang
Het wordt moeilijk om sterk te blijven
Is er iets dat ik fout deed misschien?
Wachtte ik te lang?

Maar lief kindje,
als je van dansen houdt,
dan speel ik melodietjes voor je op mijn gitaar
en als je houdt van dromen,
dan laat ik je fantasie de wilde weg opgaan

Ik heb een kamer voor jou,
gewoon boven, als je de trap opkomt
Zodat ik dichtbij je zal zijn
als je ooit bang bent
en ik snel bij je kan zijn
als je roept
Het is een kamer vol verhalen
die wachten om verteld te worden
Ik wil je zo graag vasthouden

En als je houdt van lachen, lief kindje
Schilder ik voor jou een muur vol smileys
of elfjes of autootjes of wat je ook wat je maar wil

Ik heb nooit geweten

babydrawn
Kwam zo maar plots mijn potlood uit toen ik niet wist wat tekenen.

dat de de stilte in mijn huis
me zo doof zou maken
Ik heb ook nooit geweten
dat ik iemand zo hard kon missen
die ik nooit heb gekend

Ik dacht dat je hier al zou zijn, echt waar
Maar ik zal blijven doorgaan, wachten, hopen en vechten

Voor jou, mijn lief kind…. voor jou….

Kwetsbare sterkte… of zo iets?

Je hebt van je kwetsbaarheid je sterkte gemaakt…

Ik krijg die opmerking weleens omdat ik met mijn verhaal als ex-patiënt/cliënt/whatever in de psychiatrie anderen help en blijkbaar op die manier van mijn kwetsbaarheid mijn sterkte maakte…

 

Hoe doe je dat? Van je kwetsbaarheid je sterkte maken? Om eerlijk te zijn: geen flauw idee…

 

Ik denk dat het bij mij begon bij de herstelvisie in de psychiatrie, ik wist in het begin totaal niet wat dat was. Begrippen als empowerment en ervaringsdeskundigheid hebben nu geen geheimen meer voor mij. Denk ik toch, zeker is men nooit.

 

Het was via die weg dat ze me zeiden: “Doorbreek taboe, begin bij jezelf!” Hmmm, oké, dat kon ik wel misschien…. Mijn nabije vrienden weten allemaal dat ik ooit in de psychiatrie zat, aangezien ik ook ooit aan automutilatie deed, is er bij mij ook niet naast te kijken. Over mijn twijfels om de littekens te laten behandelen, zei mijn eigen psychiater ooit: “Erger zal het niet worden.”  Ik heb het uiteindelijk niet gedaan, het hoort bij mij vind ik. Oh ja, ze zijn lelijk, maar ze laten me ook zien vanwaar ik ooit kwam. Al blijft vestjes uitdoen altijd spannend…. Ik weet dat de nachtverpleegkundige op de PAAZ me ooit zei “Je zal daar later spijt van hebben, maar nu zal je me nog niet geloven.” Toen dacht ik “Och mens, ge snapt er niks van!” Zelf psychiatrisch verpleegkundige zijnde ondertussen, weet ik gelukkig ook dat ze veel meer begrijpen dan cliënten soms denken. Ahum, ik kreeg zelf ooit te horen van een meisje die zich aan het snijden was: ge snapt er niks van!  Ge moest eens weten, dacht ik toen…. Nu ja, soms vraag ik me door die ene uitspraak wel af: “Heb ik daar nu eigenlijk spijt van?” Ik weet het eigenlijk niet, voor mij is het normaal dat ze er zijn. Maar spijt van die automutilatie? Nee, eigenlijk niet! Het was een manier van overleven, ik deed het in dissociaties en ik wil niet weten wat er anders misschien allemaal kon gebeurd zijn.

Met mijn littekens kwam ik dus al langer uit de kast, al blijf ik dat moeilijk vinden. Mijn vrienden zijn wel volwassen genoeg om daar niet op de (ver)oordelen…

Maar verder: ja, ik zat ooit in de psychiatrie. Toen ik 17 was, kwam ik op de PAAZ: het noorden volledig kwijt. Ik kreeg de diagnose majeure vitale depressie met kenmerken van verschillende psychiatrische diagnoses. Best grappig achteraf gezien. Op die moment voelde het eerder van “Gelukkige verjaardag (ik werd er 18), vanaf nu bent u zot verklaard!” Ik weet nog steeds dat de eerste dag van die opname een medepatiënt van zeker 70 jaar oud toen aan me vroeg hoe oud ik was. 17 antwoordde ik, naar de grond starend want iemand aankijken durfde ik toen niet. Ik kan het nog steeds heel moeilijk als ik over mezelf moet praten. Zijn antwoord: “Zo jong en al in de psychiatrie. Eens in de psychiatrie, altijd in de psychiatrie.” Ik ging naar mijn kamer en huilde, ik wilde naar huis, ik wilde niet voor altijd in de psychiatrie zitten, zie je. Och ja, die opname duurde 3 maanden, dan werd ik doorverwezen naar het psychiatrisch ziekenhuis in Kortenberg, met een tussenperiode van even thuis te zitten en dan in afwachting even terug op de PAAZ, zat ik op mijn 18de daar een jaar op een psychoanalytische afdeling. Die redde zonder overdrijven mijn leven. Toen ik verpleegkunde studeerde, kwam ik nog een keer op de PAAZ en na het afstuderen kwam ik door klierkoorts weer in de psychiatrie terecht en dan nog eerder omdat ik iedereen wel zei dat ik iets anders had dan een depressie, maar iedereen bleef zeggen van wel. Ik weet nu zeker dat ik me toen niet had moeten laten opnemen, ik had gewoon rust nodig en de woorden: “Het is niet erg, het is maar klierkoorts, dit gaat voorbij, je hebt niet gefaald.”

Och ja, nu ja, dat was het, zo een 10 jaar geleden ondertussen. Ja, ik ken de psychiatrie dus, langs twee kanten, dat is soms een voordeel, soms een nadeel. Zoals met alles… Het grappige is dat sommigen me een zwaar psychiatrisch geval noemen en “kenners” me allesbehalve een zwaar geval noemen. Ja, ik vind dat lachwekkend, heel lachwekkend, kwestie van perceptie. 😉

 

Diagnoses, ik weet niet of ik daar echt in “geloof”, mijn psychiater spreekt ondertussen van: “deze vrouw met een traumatische voorgeschiedenis”, dat is oké voor mij. CPTSS, tsja… what’s in a name, kunt ge nog gaan discussiëren of die C erbij moet of niet…. Daar zijn de meningen ook over verdeeld, ik wil maar zeggen… Ik hou niet van hokjes, ik heb het nooit gedaan.

Nu goed: doorbreek taboe, begin bij jezelf… Ik schreef mijn herstelverhaal, ik werd door velen aangemoedigd dat te delen. Mijn familie vond dat iets minder leuk denk ik, maar voor mij was het een bevrijding. Het heeft me zelf ook heel hard geholpen én het hielp anderen. Ik kreeg bedankingen en mijn verhaal werd verspreid. Mensen zeiden me dat het hen deugd deed het te horen en dat ze er steun en moed uit haalden. Ik stond enigszins versteld. Het staat ook op deze blog trouwens (op de homepage, in de rechterbovenhoek vind je de link, er komt een nieuwere herziene (en meer up-to-date) versie die verschijnt in de Spiegel die uitkomt in december 2017)

Later getuigde ik ook op de Vlaamse hersteldagen, in kader van een groter iets, maar ik deed het. Faalangsttraining in volle glorie. Ondertussen zat ik al in debat met een psychiater…. Faalangsttraining vertienvoudigd…. Ik ben een psychiatrisch verpleegkundige/ervaringsdeskundige of het past misschien beter omgekeerd. Bij collega-hulpverleners merk ik trouwens dat ik cliënten vaak verduidelijk, bij cliënten dan weer omgekeerd en ik ben lang niet de enige. Sommige mensen die zo hard roepen dat hulpverleners geen eigen ervaring mogen hebben, zouden soms eens moeten weten. Cliënten trouwens ook, die denken vaak dat hulpverleners niet leven en niets meemaken, denk ik. Uiteindelijk zijn we allemaal mensen en ¼ van de mensen in ons land krijgt psychische problemen. 1 op 4, dat is naar t schijnt zo veel als: om de andere deur woont er zo iemand. Is het dan niet jammer dat er zo weinig over gesproken mag worden? Ik vind van wel…. Waarom mag men zeggen dat men aan zijn knie geopereerd wordt en niet dat men terug rust moet vinden, want daar draait het meestal. Mensen als ik kwamen 50 jaar geleden niet eens in de psychiatrie, toen was ik doodnormaal, enkel misschien een beetje een buiten de lijntjes kleurder, dat zei de hoofdverpleegkundige me ooit in Kortenberg. Het stemt tot nadenken, wat er nu beter was/is, laat ik in het midden.

Nu goed, na dat herstelverhaal, schreef ik nog over mijn eigen verhaal. Veelal voor mijn persoonlijke blog, ik schreef er zelfs dingen die ik nog niemand vertelde. Want van alle 8 diagnoses, is die van CPTSS wel de meest juiste, of die C er nu bij hoort of niet, en dat houdt in dat je heel veel niet vertelt wegens hertraumatisering. Dus in die zin, is dit ook mijn therapie: mijn verhaal neerschrijven en delen. Het is mijn therapie en ik help er anderen mee, hoe mooi is dat? Ik ben een exhibitionist met woorden, lol.

Het is dus blijkbaar heel simpel om van je kwetsbaarheid je sterkte maken, blijkbaar wel…

 

En met infertiliteit, nog een groter taboe, doe ik juist hetzelfde! En uiteindelijk leidt infertiliteit vaak tot psychische problemen, dat ook…. Er zijn overal verbanden. 😉  Het zijn missies geworden, passies zelfs.

En tot slot:  pijn kracht

Alleenzaamheid

alleenzaamhiedIk ga niet veel op reis, ik ben niet zo een globetrotter. Ik ben graag thuis, dat komt voor een groot stuk omdat ik (C)PTSS heb. Ik slaap niet goed op een ander en van elk geluidje schrik ik op en de lakens ruiken nooit vertrouwd. Daarom heb ik ook een hekel aan verhuizen.

Nu goed, ik ben een paar dagen weg geweest. Niet ver, naar Westouter, 2uur rijden, maar het is nog hetzelfde land. Niet lang: drie dagen, meer als genoeg, want dan ben ik ook doodop: dat slecht slapen weet je wel.

Maar wat ik nog enorm ervaar: het thuiskomen is dan zo eenzaam. Nu was daar volk dat ik kende en echt helemaal alleen op reis ben ik nog niet geweest. Alleen gaan is echt helemaal niets vertrouwd horen of zien. Nu ja, zit je op reis in gezelschap, kom je thuis in een leeg huis en die stilte is dan eens zo groot. Een mens is niet gemaakt om alleen te zijn, om alleen te wonen. Een mens is een kuddedier. En sociaal isolement is een reden van psychisch onbehagen. Of je nu wil of niet: als je alleen woont zijn er altijd momenten van sociaal isolement. Toen ik geopereerd was, was dat wel heel duidelijk. Er is toen ook iets geknakt in mezelf. Ik zag dagen aan een stuk niemand behalve de verpleging, die zeiden dat ze het overal zagen. In het begin komt er volk, daarna niemand meer. Ik weet nu hoe vereenzaming voelt. Ik leerde ook heel hard op mezelf rekenen, op een ander kon ik het immers niet.
Nu goed, ik sliep die dagen in westouter alleen op een kamer, ik reed alleen naar ginder en alleen terug, maar er was in datzelfde kleine hotelletje wel volk dat ik kende en ging ik die hof in, zag ik allicht iemand bekend waarmee ik kon praten. Ik deed dingen alleen, heb ik altijd gedaan en ik trek me graag terug op mezelf, maar er was dat ene: altijd iets kunnen zeggen tegen iemand als het nodig is. Dat heb ik thuis niet. Ik had het wel: Amber mocht ik berichtjes sturen wanneer ik wilde. Ze woonde ook alleen, waarschijnlijk daarom, wij begrepen elkaar daarin. Wij wisten beiden wat echte eenzaamheid kan zijn. Eenzaam kan je trouwens ook zijn als je wel samen woont hoor. We woonden allebei heel graag alleen, maar begrepen ook de eenzame kant die je soms, al is het maar even, overvalt. Het moment dat je tegen iemand iets wil zeggen en het gaat niet, dan deden wij dat via berichtjes naar elkaar. Over onnozeliteiten heel vaak. Soms gewoon om te zeggen: “potverdikke, nu wil ik mijne was doen en ik heb geen wasmiddel meer, moet ik alleen daarvoor op ne zaterdag naar de winkel.” Ik zeg nu maar iets, of gewoon om te zeggen dat je zin had in een boterham met choco. Stomme dingen dus maar heel vaak, maar ze deden je wel niet eenzaam voelen. Want mensen staan daar heel vaak niet bij stil dat het vaak die kleine dingen zijn die je eenzaam kunnen doen voelen. Voor de grootse dingen, wil iedereen wel van je horen. Een nieuwe job, een nieuwe auto zelfs, maar dat je zin hebt in een boterham met choco, wie wil dat nu horen? Toch zeggen mensen zulke dingen constant tegen elkaar, tegen de partner of de kinderen of de ouders, gewoon aan tafel bij het ontbijt: “ik heb zin in een boterham met choco”, er zegt ook elke morgen iemand goede morgen tegen je.

Nee, ik heb geen hekel aan alleen wonen, ik doe dat zelfs graag, maar die goede morgen ’s morgens die mis ik wel of dat iemand me zegt dat hij een boterham met choco wil of blij kunnen zijn omdat je mag opstaan omdat je voetgetrappel hoort en er al iemand wakker is.
Dat laatste ervaar ik heel hard als mijn stiefdochter bij me is. Dan is ze wakker en ik hoor dat, wat leuk is het dan om op te staan. Soms sta ik ook op en denk ik: “joepie, om 14u moet ik bij de bank zijn, dan zie ik iemand”, dit is redelijk ironisch bedoeld, maar ik ben dan echt blij dat ik iemand om 14u zal zijn, hetzij voor zaken. Oh, jij hebt volk rond je nodig, zeggen er vaak, jij kan niet zonder. Ik heb dat niet meer nodig dan iemand anders, misschien zelfs minder. Toen ik nog thuis woonde, trok ik me vaak terug en als ik samenwoon, doe ik dat ook heel vaak. Maar dan is er wel altijd iemand, in de kamer naast je of beneden in de keuken: je bent niet alleen.

En partner moet dat niet zijn, gewoon iemand die de stilte soms doorbreekt is meer dan genoeg, veel meer dan genoeg. Ik haat ook alleen eten, met mijn bord aan tafel gaan zitten en kijken op een muur: ik zorg altijd dat ik met iets bezig ben, terwijl ik eet, al is het maar fb. Alleen eten blijf ik het verschrikkelijkste vinden. Ik ben altijd zo blij als mensen me vragen om te blijven eten of iets te gaan eten. Ze mogen gerust ook hier komen, ik merkte namelijk dat ik eigenlijk heel graag voor anderen kook als mijn stiefdochter hier is. Voor mezelf vind ik het vaak nutteloos al doe ik het vaak wel. Ik wil immers ook wel gezond eten en zelf eten klaar maken is een pak goedkoper…

Alleenzaamheid, dat noem ik het vaak: alleenzaamheid….

Reborn-mama van een dochter

Dat ik een bekentenis zal doen, zomaar, openbaar: op internet, ja hoor: dat zal ik doen.

 

Ik heb een reborn!!!

Jaja, je leest het goed, ik heb een reborn. Een reborn is een pop, een pop die er als echt uitziet. Ik kocht die pop uit een rouwproces: een dubbel rouwproces: enerzijds een rouwproces om een zwangerschapsverlies in 2010…. Vandaar dat ik deze pop ook de naam Sterre gaf. En anderzijds omwille van mijn onvervulde kinderwens, een kinderwens waarvan ik hoop dat die ooit nog wel vervuld zal raken. Blijven hopen, soms tegen beter weten in, lijkt het. Doch komt de fertiliteitsarts elke keer dichter bij een oplossing, dat wil ook zeggen dat er elke keer problemen bij gevonden worden. Van een syndroom als PCOS over slechte eicelkwaliteit naar eicellen die niet op tempo delen na bevruchting en mijn baarmoederslijmvlies wel op tempo ontwikkelt.

Och ja, ik kocht dus een reborn. Ik had dit ooit op tv gezien, een vrouw die haar hele leven kinderloos was geweest, kocht zulke poppen. Een andere vrouw die haar kleinkind had moeten afgeven, kocht ook zo een pop. Dat is al jaren geleden, ik vond dat toen maar wat vreemd, maar ik kocht me er dus ook eentje ondertussen.

Het was een vriendin die ermee bezig was, ook bij haar is dit met reden. Een andere reden, maar ook een copingmechanisme dat heeft te maken met rouw en verlies. Door haar rees het idee maar vooral het gevoel bij mij ook op om me er eentje aan te schaffen. Maar het zou niet zo maar de eender de welke mogen zijn. Ik heb mij in de loop der jaren een prefect beeld gevormd van hoe ons sterrenkindje eruit zou gezien hebben, voldragen…. Vraag me niet hoe ik op die voorstelling kwam, maar ze kwam er…. Dit blijkt ook niet zo abnormaal, zelfs heel normaal… Die pop moest dus perfect mijn Sterre weergeven.

Beetje moeilijk was dat wel, ik keek rond: ik zag niets naar mijn zin. De prijs maakte mij geen sikkepit uit, ik wilde er voor sparen, maar ik wilde mijn sterrenkindje in huis…

En dan, heel plots, toen zag ik ze. Bij Edith Demaret, zij had een reborn gemaakt die helemaal mijn Sterre was, helemaal zoals ik ze me voorstelde…. De prijs weet ik niet eens meer, maar zij moest het zijn….

Ik bestelde ze…. Ze kwam toe: zo echt, zo perfect, zo volmaakt. Vooral de handjes vind ik prachtig, maar ook de lipjes en haar haartjes: helemaal zoals ik me mijn Sterre voorstelde. Gek eigenlijk, ik dacht niet dat ik ze nog ging vinden. Ik dacht er al een op bestelling te laten maken, maar ze kwam als een geschenk uit de hemel tevoorschijn op de startpagina van mijn facebook. Misschien was het ook een geschenk uit de hemel.

cofIk vertelde mijn psychologe er over… Toen….  Laatst vroeg ze of ik er nog veel mee deed. Ja, als ik het moeilijk heb met dat hele ongewild kinderloos zijn. Dan pak ik ze bij mij en trek ik ook selfies van mij en Sterre. Ik en mijn meisje… Mijn Sterre…. Dan is ze echt mijn coping, mijn omgaan met mijn verdriet…. Spijtig dat ze zo koud aanvoelt, denk ik dan wel altijd…. Ze doet me even helemaal in dat verdriet kruipen ik leg ze dan bij mij, op mij. Ik neem ze vast, doe ze kleertjes aan, was ze met een washandje, verschoon haar en ja, ze heeft ene hele uitzet ondertussen. De hele uitzet had ik eigenlijk altijd, want nog een geheim: ik koop elke ronde in traject iets voor mijn kindje, waarvan ik nog steeds geloof dat dat er zal komen. Meneertje of juffrouw Lambrecht heeft waarschijnlijk al te veel kledij in maat 50 om alles te kunnen aandoen, daarom koop ik nu 56, kan ook perfect, zie ik nu zo. Een pop van 50 cm kan perfect een 56 aandoen. 😉 Veel tweedehands natuurlijk. Leve de kringloopwinkel en aan ruilhandel doe ik ook: 10 body’kes voor een pak cola van de Aldi…

Maar op andere momenten staat die pop hier gewoon in de maxi-cosi op haar bankje in mijn woonkamer…. Aanwezig, maar er gewoon te staan. Velen vragen me of het een echte baby is trouwens. Nee hoor, zeg ik dan. Was het maar waar, denk ik dan.

Sterre, voor altijd dicht bij mij en Sterre is het kindje van mijn zwangerschapsverlies, maar ook symbool voor de vlindertjes die erbij kwamen en voor het kindje dat ik zo graag wil krijgen. Al is dit een meisje en denk ik altijd dat ik een jongen zal krijgen: Rune Guido Alex Lambrecht. Rune koos ik 10 jaar geleden al, mijn ex vond het niet mooi, ik wel. Ruben vond ik ook mooi, maar mijn ex was niet zo voor de R, denk ik. De derde naam waar ik mee afkwam was immers Robbe. Weer niks…. Nu ja, Guido en Alex zijn twee namen gekozen naar de meeste dierbare mensen die ik mijn leven al moest afgeven.
20582447_881367895347088_1123761567179997184_n(1)

Rune Guido Alex Lambrecht

Hij zal geboren worden.
(En anders is het Rhune, Guiselle Amber Lambrecht, tsja…)

Verpleegkundigen bye bye… patiëntenzorg bye bye

tired nurseIk ben verpleegkundige, een psychiatrisch verpleegkundige, maar ik ken ook de “algemene’ kant. Als verpleegkundige werken is niet meer vol te houden, dat zeggen er meer en meer en er is alsmaar minder personeel in de ziekenhuizen en de bejaardentehuizen. In een ziekenhuis werken: been there, done that: nooit meer.

Ik studeerde af in 2006, denk ik, ik moet soms al eens denken…. In 2011 werkte ik op een neurologie, ze hadden me daar gezet tot ik op de PAAZ kon gaan werken, beetje klikspaangedrag over iets uit mijn verleden deed de directeur nursing meteen beslissen dat ik me eerst op neurologie moest gaan “bewijzen”. Ik wilde dat absoluut niet doen natuurlijk en toen mijn collega’s dan nog zeiden dat ik waarschijnlijk in jaren niet op de PAAZ zou komen omdat ze me nu eenmaal “binnen” hadden en ze sowieso bij sollicitaties eerst mensen van buitenaf zouden aantrekken, werd ik helemaal kwaad. Het werd overigens bevestigd toen ik intern solliciteerde op een vacature op de PAAZ: ik kreeg niet eens antwoord. Binnen is binnen was daar de mentaliteit. Een vroedvrouw heeft daar eerst 5 jaar op neurologie gewerkt en is het dan afgebold omdat ze ondertussen al 5 nieuwe vroedvrouwen hadden aangenomen op de kraamafdeling en ze hetzelfde meemaakte als ik, elke keer opnieuw.  Ik werkte er dik tegen mijn zin en dat kan ik dan ook niet verstoppen. Het is niet dat ik echt ging tegenwerken, maar ik trok mij er ook weinig van aan allemaal, blijven wilde ik sowieso toch niet.  Ik had ook echt roddelende collega’s op die dienst en als er iets is waar ik echt niet tegen kan…. Over iedereen waren ze bezig en dan weet je ook, dat ze over u beginnen als jij je rug draait. Oh wat was ik blij toen ik mijn ontslag kreeg. Ik heb meteen naar een vriendin gebeld “ik ben ervan af” en zij nodigde me uit om het te vieren, ze is ook verpleegkundige en begreep het beter dan wie ook. Het was namelijk in een periode dat ik door privéomstandigheden ook geen fut had om naar ander werk te zoeken. Ontslag geven is nooit slim, ontslag krijgen wel. 😉

Nu goed, werken in de verpleging dus, de algemene en waarom dat echt niet meer leuk is.

Je moet dat zo bekijken: de meesten kiezen tegenwoordig voor verpleegkunde omdat ze willen zorgen voor, anderen willen helpen en er vooral voor anderen willen zijn. Anders begin je er niet aan, denk ik. Sommigen noemen het nog steeds een roeping, misschien is dat zo, misschien ook niet. Ik kan enkel voor mezelf spreken dat het bij mij puur idealisme was. Een idealisme dat de eerste dag van mijn eerste stage al de grond ingeboord werd door een dokter die even heel cru duidelijk maakte dat alles draait om centen, om zijn centen vooral en niet om het welzijn van de patiënt. Ik was daar toen echt door geschokt, ik weet nog steeds dat ik dat vol verontwaardiging ging vertellen aan mijn moeder toen ik van stage thuis kwam.

Nu ja: idealist tot in de kist… Ik studeerde en deed stages. Ik vond verpleegkunde studeren eerlijk gezegd poepsimpel. Ik deed Latijn-Wiskunde in het middelbaar en daartegen was verpleegkunde gewoon véél gemakkelijker. Maar he, ik wilde het doen. Ik haalde uitmuntende resultaten en ook mijn stages waren heel goed. (Behalve één)

Wat me toen al opviel: hard werken maar dat vond ik niet erg, verre van. Wat ik enigszins wel altijd grappig vond was het: snel, snel, snel, zodat we om 11 een koffie kunnen gaan drinken en op ons gat kunnen gaan zitten. Dit was dus echt zo, nooit de absurditeit hiervan begrepen. Ik werk liever wat rustiger eerlijk gezegd en ik denk dat de patiënten dat ook liever hebben, daarna moesten de dossiers ingevuld worden, dus konden die koffie en op het gat zitten sowieso. Er zijn er nog waarmee ik afstudeerde die dit echt onnozel vinden. Als stagiair krijg je ook al “leuke” taakjes en niet zelden voel je je een goedkope werkkracht voor de vuile taken die niemand wil doen. Het was ook van afdeling tot afdeling verschillend: je had er die je als stagiair overal mee naartoe namen en waar je mocht oefenen met vaardigheden dat het een lieve lust was en dan je die dat je bij niets betrokken en je liever waskommen en bedpannen zagen afwassen. Allemaal met de glimlach gedaan: nu goede punten halen en dan kon ik er ook aan beginnen, zo dacht ik.

Ik begon, eens afgestudeerd, bij het witgele kruis, thuisverpleging. Ik vond dat eigenlijk leuk, maar veel werk en werk mee naar huis nemen: niet de patienten, wel de administratie. Tot dan toe wist ik niet eens dat het RIZIV uitrekende hoeveel tijd je max deed over een bedbad of een waske aan de lavabo. Daarop was ons aantal patiënten berekend: 16 patiënten op een uur was doodnormaal en pas wanneer je in zo een geval 17 patiënten kreeg, mocht je overuren ingeven. Dat er soms patiënten een nacht op de grond gelegen hadden als je daar kwam en ik die eerst wilde opwarmen in bed of dat de kat al 3 keer door uw steriel veld liep en je elke keer opnieuw kon beginnen (bij een diabetesvoet was dat toch echt aan te raden), dat je soms verse lakens op het bed moest leggen omdat de patiënt anders niet in bed kon (tsja, hoorde niet tot ons takenpakket, maar je kan ze nu toch moeilijk terug in hun eigen urine leggen of zo), maar ook dat de meesten die een bedbad krijgen meestal niet echt meewerken omdat ze gewoon oud zijn en niet kunnen meewerken… Daar houdt dat RIZIV geen rekening mee. Ik werkte altijd langer, maar ik heb zelden zo een dankbaarheid bij patienten gevoeld als in de thuisverpleging, dat dan weer wel…

 

Ik had wel veel last: mijn handen lagen helemaal open van de eczema en de psoriasis. En handschoenen maken dat enkel erger. Tijdens stages viel dat altijd mee omdat het maar korte periodes waren en dan terug les, maar dit was de hel, echt de hel. Dermatologen geweest en eentje ervan zei echt: juffrouw, jij kan niet als verpleegkundige werken op die manier… Ik was een half jaar bezig, nog niet. Mijn rug nam het alleen werken duidelijk ook niet in dankbaarheid af.

 

Nu goed, psychiatrie dan, ik had ervoor gestudeerd…. Laat me een ding zeggen: stages bereiden u echt niet voor op het echte werk. Maar he, ik deed wat ik graag deed en met vallen en opstaan bijleren: dat gaat ook, ook op het werk…

Dat ik dan daarna op neurologie kwam, was niet de bedoeling maar leerde me vooral dit:

  • Geen tijd voor de mensen, gewoon geen tijd…. Verder doen, verder doen, en verder doen.
  • Merken: he, ik heb me ooit voorgenomen dat ik nooit die verpleegster ging zijn die met de hand op de deurklink stond van ‘ik moet verder doen” en ondertussen maar doet van “jaja jaja” omdat de patiënt nog iets wil zeggen
  • Werken als aan de lopende band: patiënt X gedaan, overgaan naar patiënt Y, Juist een fabriek. Wilde ik niet met mensen werken?
  • Besparingen tot in het absurde toe, een afdelingsbudget. Als er iets kapot is moet dat soms maar wachten tot het jaar daarna of daarna, alles hangt af van het budget dat je krijgt per jaar.
  • Geen tijd om haren te kammen, nagels te knippen en haar te wassen
  • De voeten wassen we in weekend niet, geen tijd voor. Enkel gezicht, oksels en intieme delen.
  • Kamers binnen lopen, de lakens eraf trekken (of ze nu nog slapen of niet), ze beginnen te wassen en liefst van al in een rush. Op mijn stages deed ik nog rustige de gordijnen open, zei ik Goedemorgen en vroeg ik hoe het was en dan zei ik: ik kom u wassen
  • Een vroege gedaan hebben en om 17u telefoon krijgen of ik a.u.b. de nacht wil komen doen want de vaste is ziek gevallen. En dan doe je dat, dat is immers doodnormaal.
  • Doodziek gaan werken, want uw collega’s in de steek laten lijkt geen optie meer.
  • Patiënten worden zo rap mogelijk naar huis gestuurd en is de een de kamer nog niet uit, staat de volgende al in de gang (meermaals meegemaakt).
  • Elke dag een pijnlijke rug hebben en ’s avonds niet meer uit de zetel raken
  • Oh ja, na je werk te pas en te onpas in slaap vallen
  • Een sociaal leven: wat is dat eigenlijk? Juist ik heb ongeveer 2 dagen vrij op 14 (vergeet de overuren niet), die dienen echt om te recupereren, het heet ook recupe
  • Gratis overuren doen, want je kan ze toch amper terugnemen dus gaat bijna alles ervan naar de staat
  • Geen tijd meer hebben om naar de wc te gaan (dit is echt niet om te lachen, dat is echt zo)
  • Meestal geen middagpauze meer hebben. Of avondpauze, we werken nu eenmaal in shiften.
  • Na de vroege de late er nog bij nemen wegens te weinig volk. Of zoals ik eerder al zei: de vroege doen en dan later op de dag opkomen voor de nacht
  • Soms nog bezig zijn als uw collega’s van de volgende shift er al zijn en denken: help: ik moet al briefen en dat is nog niet orde en dat en dat en dat
  • Mensen in natte pampers moeten laten zitten, want het is nog geen pamperronde en ze mogen er maar 3 per dag gebruiken (vind ik ook echt niet kunnen!)
  • Meer en meer administratie die ook nog eens tekortdoen aan het zorgen voor mensen. Soms vraag je je af: ben ik nu secretaresse of verpleegkundige?
  • En we werken niet meer met mensen, maar met protocollen en procedures, dat vooral.

 

Meer en meer verpleegkundigen haken af om deze redenen, kom je nog met minder te staan, verergert het alleen maar en het is er in die tijd van toen ik studeerde tot nu enkel op achteruit gegaan. Ik hoor oudere verpleegkundigen weleens zeggen: wij hadden vroeger nog tijd voor de patiënten, nu niet meer. Dat is, denk ik, ook zo. Elke verpleegkundige wil patiënten tijd geven, maar t mag niet meer: alles draait rond cijfers en geld. Het ziekenhuis dat is een bedrijf geworden zoals een ander: besparingen en verder moet het opbrengen, de mensen zelf doen er niet toe. Toen ik in oktober in het ziekenhuis lag, waren ik en mijn kamergenoot een goede kamer werd gezegde, want wij belden bijna nooit. Ik mocht niet alleen uit bed, maar mijn kamergenoot wel, waardoor zij al weleens servetjes ging halen voor mij. En ik, verpleegkundig zijnde, durfde ook amper te bellen, want eigenlijk is daar ook geen tijd voor en ik weet dat. Mijn kamergenoot zei daar dan weer dat ze compassie had met verpleegkundigen: zo hard werken. “Iedere job is hard werken, maar als ik dit allemaal zie, dan denk ik: ge moet er goesting in hebben…”, zei ze.  Mijn vader zei dat trouwens ook toen hij in het ziekenhuis lag en ik ken er nog veel ondertussen. Ik heb er al bewondering voor gekregen van vrienden en van mijn vader helemaal terwijl hij er niet echt zo voor was dat ik verpleegkunde ging doen. Daarna zei hij wel: veel te hard werken voor veel te weinig geld. Nu ja, als ik mensen vertel dat het RIZIV bepaalt dat je max 15 min over een bedbad mag doen, schrikken ze zich ook een ongeluk. “Dat is berekend of wat?” Uhu, alles in de zorg hoor.

 

Ik doe wel graag de nacht: alleen, op uw eigen tempo en tijd voor de patiënten, er mee kunnen praten als ze niet kunnen slapen en zelfs de gazet kunnen lezen. Heel andere sfeer ook, ik werk graag ’s nachts. Maar ja, met mijn hormonale problemen mag ik ’s nachts niet meer werken, in shiften ook niet.

Mijn rug daar zit mijn huisarts al van in het begin op te hameren, die doet al pijn sinds ik tiener was, dus ja, ik heb scoliose… Daarom, denk ik…

Nu ja, goed… In oktober vorige jaar had ik een auto-ongeluk en zei de medisch adviseur dat ik gewoon niet meer als verpleegkundige kan en mag werken. Ik begon er eigenlijk van te huilen. “Dat is erg, hè, als je iets graag doet. Ik denk dat jij ook een heel goede verpleegkundig bent, maar alles bij elkaar geteld: niet tegen water en zeep kunnen (laat staan alcogel), een misvormde rug, niet in shiften mogen werken en nu een voet die blijft pijn doen en een rug die sinds dat auto-ongeluk constant pijn doet…. Tsja, het optelsommetje is snel gemaakt.” Ik begon wel te wenen, maar langs de andere kant: zotirs nurde 2 een rush op het werkveld waar mensen plaats moesten maken voor cijfer, centen en procedures: daarvoor werd ik ook geen verpleegkundige.

Ik ben nu in begeleiding bij het GTB, aangepast werk, verpleegkundige blijf ik altijd, in hart en nieren, ik wil ook mensen blijven helpen: op een ander gebied nu. Er is richting naar hoe en wat. Met schrijven help ik blijkbaar ook heel veel mensen: een nieuwe missie en daarnaast die kinderwensconsulent en misschien ga ik toch nog psychologie studeren: misschien wel. Maar dat is vooral plan B voor als ik niet zwanger raak.

 

Onvruchtbaar zijn…. de harde realiteit.

inferttility
heel goed omschreven

Vannacht droomde ik dat ik zwanger was. Dat is niet de eerste keer, maar dit was zo echt, ik voelde in die droom allerlei gevoelens, vooral heel veel blijheid, bijna euforie. Ik deed een simpele zwangerschapstest, met zo van die simpele stripjes. Ik stak het in het potje, de twee streepjes kwamen meteen, datgene wat aangaf dat het positief was en de controlestreep. Ik deed drie testen na elkaar, want ik kon het niet geloven, na de derde begon ik in die droom te wenen van geluk. Ik had meteen een zwangere buik ook, het blijven dromen voor iets. Mijn moeder en zus waren er ook heel blij mee in die droom…. Ik zag mijn kindje op een echo: ik zag en hoorde vooral een kloppend hartje: doef, doef, doef, doef,…. Dat was mijn kind, echt MIJN kind… en in mijn droom huilde ik ook bij die echo, van puur geluk…

En dan werd ik wakker: realitycheck: niet zwanger, geen kind.

 

Het helpt ook niet dat ik morgen al 33 word, ik voel me echt achtergelaten in het leven. De meesten van mijn leeftijdsgenoten hebben kinderen, van heel uiteenlopende leeftijden, de oudsten zijn al tieners…

 

Ik vraag me soms af of mijn leven wel zin heeft als ik geen kinderen kan hebben, geen gezin, geen familie van mezelf. Volgens mij is het doel van bijna iedere mensen: kinderen maken en groot brengen: bij vrouwen misschien nog groter dan bij mannen. Het is een oerinstinct wordt weleens gezegd. Dat is het inderdaad volgens mij. Elk dier plant zich voort, ook de mens en ik kan dat niet. Het meest essentiële waarvoor een dier op de wereld gezet wordt, kan ik niet. Dat is een gevoel en gedachte die bij mij al jaren overheerst. Dat die PCOS op zoveel andere gebieden ook zoveel invloed heeft, kan me niet meer schelen, maar dat ik er geen kinderen door kan krijgen, kan ik eigenlijk niet aanvaarden. Ik heb gewoon geen eisprong en wat bij ook vreemd is, bij die stimulatierondes met hormonen, heb ik ook redelijk weinig eicellen. Wat bij PCOS normaal net wel het geval is, kans op overstimulatie heb ik gek genoeg niet blijkbaar. Zelfs dat loopt niet normaal.

 

Eventjes opsommen wat mensen allemaal zeggen en wat elke keer een regelrecht steek door mijn hart is.

 

  • Laat het los

Wel ja, laat het los. Ten eerste: hoe kan dat als ik om dat uur een spuit moet zetten, op dat ander uur nog een neusspray en voedingssupplementen moet nemen bij de vleet? Er een operatie voor onderging en geen alcohol mag drinken, heel erg moet letten op voeding en nu zeker al moet opletten voor toxoplasmose en cmv, zelfs geen ibuprofen of pantomed mag nemen en een deel andere medicatie die ik normaal móét nemen en waardoor ik nu terug kwalen heb die ik niet meer had.
En verder: tsja, ik kan zo veel loslaten als ik wil en elke dag in bed kruipen met een man: geen eisprong = geen kinderen. Vrij logisch lijkt me dat

 

  • Wees blij dat je geen kinderen hebt

Wat is er dat nu weer voor een? Ooit heb jij er toch ook voor gekozen? Ik hoop overigens dat uw kinderen dit niet horen.

 

  • Geniet van de vrijheid: een kind houdt u in huis gekluisterd

Wees gerust: ik wil mijn vrijheid daarvoor heel graag opgeven en mijn vrijheid verschuiven naar playdates en in de speeltuin afspreken met vriendinnen terwijl onze kinderen zich amuseren.

 

  • Uw tijd komt nog wel

Ah zo, jij bent toekomstvoorspeller of zo? Dat weet je niet, dat weet niemand. Het zwaarste eraan is trouwens dat je niet weet of het ooit lukt. Erken dat gewoon, dat doet veel meer deugd dan een zin die absoluut geen troost brengt.

 

  • Het heeft een reden dat je geen kinderen kan krijgen

Oh, zeg je dat ook tegen mensen met andere ziektes? En wat is die reden dan als ik vragen mag, ik heb ze nog niet ontdekt.

 

  • Je moet aanvaarden dat je onvruchtbaar bent

Ah, want jij veegt je grootste droom ook meteen van tafel als het wat tegen zit?

 

  • Laat de natuur zijn gang gaan

Waarom heb jij je dan laten opereren twee maanden geleden?

 

  • Adopteer gewoon

Eigenlijk wilde ik dat, ja, maar met 500 mensen voor mij en als alleenstaande op de wachtlijst is dat waarschijnlijk niet echt mogelijk

 

  • Wees blij met X (de dochter van mijn overleden vriend)
    Oh, ik ben er blij mee, maar dat is mijn kind niet en zal het ook nooit zijn. Dat wil niet zeggen dat ik er niet enorm veel liefde voor voel, maar het is mijn kind niet. Oh ja, ik heb me helemaal opgegeven voor pleegzorg ook, maar dat is net hetzelfde: het zijn mijn kinderen niet, ze zullen het nooit zijn en kunnen even vlug weer weggehaald worden als ze kwamen.

 

Verder zit ik inderdaad op een leeftijd waar 90% van de mensen rondom mij kinderen heeft. Ik heb niets tegen de foto’s die ze plaatsen op facebook en Instagram. Ik heb er geen probleem mee dat ze over niets anders meer kunnen praten, maar weet je hoe dat voelt? In de steek gelaten en behoorlijk eenzaam.

 

Het is moeilijk om die pijn te blijven verbergen, vrolijk te blijven en geen verdriet te hebben terwijl het gemis en het verdriet elke dag groter en groter wordt. Het wordt wel verwacht…  Mijn psychologe zit dan weer juist te zeggen dat het toch doodnormaal is dat ik me allesbehalve goed voel. Ik voel me persoonlijk ook heel erg onvolledig en ik maak mezelf constant verwijten. Wat doe ik in Gods naam verkeerd dat het blijkbaar niet mag zijn? Heel wanhopig soms ook,  hetgeen tijdens stimuleren, pick ups en terugplaatsingen ook enorm wordt afgewisseld met hoop. Misschien ooit toch? Er zijn zo velen die het na 10 jaar eindelijk lukte.

 

Soms denk ik ook dat, als ik mijn moeder gevolgd was, ik nu al drie kinderen had gekregen. Soms is het behoorlijk pijnlijk dat uw JONGERE zus ondertussen een kind heeft, al wil dat niet zeggen dat het niet gegund is.  Het kan ook heel pijnlijk zijn dat uw buurvrouw gewoon door anticonceptie zwanger raakt, al twee keer ondertussen, waarmee ik niet wil zeggen dat het voor haar dan zo leuk is, maar hier heerst dan vooral het idee: het is niet eerlijk. Dat vindt zij ook heel hard trouwens. Het is bovendien ook jammer dat ze niet durfde zeggen dat ze zwanger was, tegelijkertijd vind ik dat vooral ook heel lief.

 

Heeft het leven trouwens een doel als je geen kinderen kan krijgen? Ik denk het niet, voor mij is het doel van het leven gewoon kinderen baren en opvoeden. Kan ik nog zo veel dingen doen die ik graag doe en belangrijk vind. Het levensdoel is niet vervuld en dat blijft een confrontatie voor de rest van je leven: geen eerste schooldag, geen sinterklaas die over de vloer komt, geen speelgoed waar ik over kan struikelen en op vloeken, geen eerste woordje, geen eerste stapjes, geen lentefeesten of communies, geen diploma-uitreikingen, geen trouw, geen kleinkinderen die dat ook allemaal nog eens doen en eventueel achterkleinkinderen en later in het rusthuis bezoek van hen allemaal zien bij uw medebewoners en jij zit daar eenzaam en alleen, want daar is de confrontatie nog eens zo hard dan in uw eigen huis.

Maar vooral het niet kunnen zorgen voor, ik heb niets om voor te zorgen. Awel ja, ik heb een kat, maar kom er niet mee af dat het dat vervangt, hoeveel katten ik ook in huis haal, het zijn mijn kinderen niet en ik ben hun moeder niet!  Zonder een kind is en blijft mijn leven onvolledig, sowieso. Dat ik een hond moet nemen, zeggen ze ook wel eens, dat is net als een kind. Komaan, hoor je eigenlijk wat jezelf zegt?

 

Ik heb PCOS, er bestaan ook andere vruchtbaarheidsproblemen, maar het is ook een ziekte, stoornis of mankement; het gaat niet zomaar weg. Ik werd ermee geboren en het blijkt een erfelijk karakter te hebben. Dat is ook heel duidelijk.

Ik heb één ding geleerd ondertussen, als je zelf nooit ervaren hebt wat het is om vruchtbaarheidsproblemen te hebben, begrijp je het niet, echt niet. Dat is geen verwijt, maar het maakt het gevoel van eenzaamheid eens zo groot. Zelfs al ben je heel inlevend en vertel ik je er veel over, ook over mijn gevoelens errond enzo: het begrijpen: nee, nooit. Dat heb ik ondertussen jammer genoeg ontdekt. Mijn gevecht zal je nooit begrijpen, nooit. Je zal nooit begrijpen waar ik doorga. Eigenlijk al sinds de gynaecoloog heel vroeg zei dat ik zeer ernstige PCOS had en de kans heel groot was dat ik geen kinderen kon krijgen, zelfs niet met fertiliteit. Je zal ook nooit begrijpen wat fertiliteitstrajecten met je doen: lichamelijk en psychisch. Hormonen: het is niet niks, het maakt je kapot, maar hé, ik wil er desnoods voor sterven en alles weggeven. Daarnaast heb je al die hoop, wanhoop en teleurstellingen telkens opnieuw. Elke terugplaatsing die mislukt voelt alsof je een klein beetje dood gaat, weer een kindje kwijt. Voor anderen is dat geen kind, voor mij wel en ik raak het elke keer opnieuw kwijt alle maatregelen ten spijt.  Waarom Ik? Wat deed ik verkeerd? Waarom, bij geen enkel ander mankement in mijn lichaam is dat gevoel en die vraag zo sterk aanwezig, het raakt me in het diepste van mijn (moeder)ziel. Elke week mag ik naar mijn psychologe gaan en een uurtje huilen terwijl ik verder positief moet blijven, zo voelt dat en dat doet me heel goed, het lucht op, maar ik huil me vaak in slaap: dat mag je gerust weten.

 

Eén ding is wel heel zeker: ook al begrijpen zo weinig mensen dit, ik blijf dankbaar voor alle steun die ik hierrond ervaar, dat wel! dank jullie! ❤

 

een boterham met choco en een met confituur

choco

 

Het begon deze middag, ik zette een foto op fb van een boterham met choco en een met confituur. Het was meer dan een jaar geleden dat ik dat gegeten had…

 

Ik zette het ook in de groep van Pascale Naessens, ik eet hoofdzakelijk volgens de wijze Pascale Naessens. Ik heb daar mijn redenen voor, het heeft te maken met fertiliteit en hormonen.

 

Wel enigszins aarzelend en heel sceptisch aan begonnen, dat geef ik eerlijk toe. Ik heb vroeger eens een proteïnendieet gevolgd. Ik ben daar mee afgevallen, maar al gauw bleek het enkel goed om op gewicht te blijven. Koolhydraatarm dan, is net hetzelfde uiteindelijk, alleen geen opgeloste poederkes meer,  maar echt eten: ik bleef op gewicht. Mensen zagen me bezig en zeiden altijd: “amai, gij eet kei-gezond” Ja, en toch werd ik een tientonner… hormonen, ik heb PCOS met steeds terugkomende bijnierproblemen en melatonineproblemen. Sinds een jaar weet ik ook dat dat allemaal op elkaar inwerkt. Te veel cortisol komt door te veel testosteron (is wel heel uitzonderlijk) en te veel cortisol legt de melatonineproductie plat…. Mijn schildklier werkt ook nog te traag, dus die hele disbalans van hormonen maakt mij dik… De dokter zei dat hij aan mij kon vragen om af te vallen, maar dat hij even goed kon vragen aan een kat om in een hond te veranderen. Niet dat ik dat nog niet ondervonden had, maar dat was ook een binnenkomer.

 

Nu goed, Pascale Naessens, het werd geopperd, misschien toch eens proberen…

Ik iet wat twijfelachtig en vooral heel sceptisch. Wel met iets van een “wat heb ik in Gods naam te verliezen?” Ik maakte me lid van haar officiële groep op fb, zette daar ook een bericht, waarop heel uiteenlopende reacties kwamen. Ik had er namelijk ook ingezet dat ik niet graag met eten bezig was, ik wou eten ontlopen, al jaren. Koken was moeilijk, buiten mijn psychologe begreep niemand wat voor een strijd koken voor me was, denk ik. Nu ja, niemand vermoedde ook dat ik een eetstoornis had, want ik was dik en elders deed ik altijd “gewoon” met de redenering: wat erin gaat, gaat er ook weer uit, walgelijk eigenlijk…. Een proteïnendieet was daardoor wel gemakkelijk. Herballife ook, maar daar kwam ik van bij en als die verkoopster (want meer dan dat zijn die ook niet) kwam, moest ik afgevallen zijn, dus ik at weer gewoon niets, zelfs die shakes niet…. Niet goed. Toen ik naar de ingrediënten keek, begreep ik ook hele goed waarom: tsjokvol koolhydraten en dat moest je dan bij het liefst sojamelk doen of fruitsap. Ik heb nooit sojamelk gelust trouwens, zo zoet! Dat is dan ook enorm gesuikerd. En met hormonale problemen is soja sowieso een no go. Nu ja, t poeder vloog allemaal buiten…. Ik heb anderen er wel gelukkig mee gemaakt, dat dan weer wel. Ieder zijn eigen keuze denk ik altijd.

 

Ik voelde me er wel ongelukkig bij: niet eten en als ik iets at: uitbraken. The usual, ik was weer vertrokken na de herballife-katastroof…. Pascale Naessens??? Tsja, ik kon proberen. Naar aanleiding van dat berichtje in de groep, kwam hier een diëtiste om me op weg te zetten, dat hielp wel. Ik kocht een boek en las me in op vakantie aan het zwembad.

 

Eenmaal thuis begon ik, niet meteen all te way. Pfff, een leven zonder brood en pasta, ik kon me dat niet indenken en nadat ik constant gegeten had zonder koolhydraten leek ik het ook niet meer te kunnen opbrengen. Maar die diëtiste hielp me op weg. Goed voelen bij eten is belangrijk. U perfect aan de regeltjes houden en u ongelukkig voelen werkt helemaal niet. Dat zei mijn vroegere diëtiste trouwens ook. Ze raadde me probodybrood aan en speltpasta…. Oké, dat kocht ik dan maar. (nu eet ik dat nog heel weinig overigens)

 

Ik begon aarzelend, maar hoe meer ik volgens die recepten at, hoe lekkerder ik het vond en gemakkelijk vol te houden al helemaal. In oktober had ik een auto-ongeluk en mijn beweging viel weg, mijn gezinshulp liet ik toen wel PN-receptjes maken. Moest ik het zelf niet maken en er niet mee bezig zijn en kon ik het toch eten…. Een weegschaal gebruikte ik niet meer…. Ik lag enkel in bed en viel af, heel duidelijk, ik merkte het aan mijn kledij. Dat wat de dokter zei dat nooit zou lukken gebeurde, ik viel gewoon af en ik at heel lekker eten, ongelooflijk maar waar!

 

Toen ik weer beter was, werd het voor mij thuis gewoon eten à la Pascale Naessens en als ik op verplaatsing was, gewoon meeëten met wat de pot schaft en op restaurant gewoon kiezen waar ik zin in had zonder meer. Ik vind niet dat ik op een ander moet gaan zeggen dat ik dat en dat niet wil eten, gewoon uit respect en op restaurant is het helemaal moeilijk. Ik had dat ooit allemaal wel gedaan, toen ik nog koolhydraatarm at. Gelukkig werd ik er niet van en ik kreeg enkel commentaar. Ik kan er overigens nog steeds niet tegen dat ze zich moeien met mijn bord, ik doe dat met dat van een ander ook niet. Nu ja, dat zo doen, komt ongeveer wel overeen met de 80/20-regel, vermoed ik. Ik ben het nooit gaan uitrekenen. En de ene week zal het comfort ongeveer 30 zijn en de andere week maar 10 en op een andere week misschien niets. Ik weet het eigenlijk niet.

 

Na al die jaren verloor ik mijn afkeer van eten en begon ik met plezier te koken. Pascale Naessens: ja, lekker is het wel. Sommigen zeggen dat haar voedingspatroon duur is, dat kies je helemaal zelf, zeg ik altijd. Als ik gehakt met bloemkool, tomaten en worteltjes in de oven zet heb ik voor weinig geld gegeten, als ik echt van al die zaadjes enzo ga gebruiken, is het al een stuk duurder natuurlijk… Maar op zich hoeft het echt niet duurder te zijn dan de Vlaamse dagelijkse kost die mijn grootouders ook aten. (Over dagelijkse kost gesproken: ik hou ook van Jeroen Meus, dit geheel ter zijde, maar soms lijkt het alsof dit niet mag, kan perfect in mijn ogen. 😉 )

 

Nu goed, ik ben een jaar verder, meer dan 20 kg lichter, ik eet met plezier (wat al sinds mijn kindertijd geleden was), zwanger ben ik jammer genoeg nog steeds niet, maar ik reageer wel steeds beter en beter op al die hormonen. Een jaar geleden reageerde ik er gewoon niet op.

 

En dan deze morgen. Toen ik mijn keuken het laatst uitruimde, vond ik nog een pot choco. De THT-datum voorbij en toen ik hem open deed, stond er een laag olie op. Meer dan een jaar niet meer gegeten en ik at het sowieso bijna nooit, geen idee dus hoe lang ik die al heb. Ik had een brood gekocht en deed het onmogelijke: ik smeerde mezelf een boterham met choco en om het compleet te maken nog een met confituur. Ons moeder gaf ons als kind de ene dag een boterham met choco en de volgende dag een met confituur, echt waar…. Ik leerde af om ’s morgens te eten in mijn tienertijd en toen ik 20 was of zo bracht Guido Belcanto een liedje uit dat wel degelijk over een boterham met choco en een boterham met confituur ’s morgens, als ontbijt,  ging. Enige nostalgie kwam daarbij toen wel naar boven, niet dat ik het plots zo veel ging eten, ik at ’s morgens immers nog steeds niets en ik stond nooit zot van zoetigheden.

 

Ik zette de foto van mijn boterham met choco en de andere met confituur op facebook….Tegenwoordig smaakt eten kennlijk altijd beter als je het op facebook zet. Verder zet je eten op facebook en iedereen heeft het gezien. Net zoals bij een kat en kindjes gaan de likes de lucht in. Voorspelbaar…. Nu heb ik niet veel werk gehad met die te smeren natuurlijk, maar ik was wel trots: voor de eerste keer sinds mijn kinderjaren durfde ik een boterham met choco te eten zonder me er slecht bij te voelen en die nadien te gaan uitbraken.

 

Na een jaar Pascale Naessens te eten vond ik choco eerlijk gezegd veel te zoet, maar dan ook veel te zoet. Ik ben geen toegevoegde suikers meer gewoon, hè.  Nu ja…

Kwam er commentaar: echt niet goed bezig. Ik dacht weer: moei u met uw eigen bord, dit is voor mij heel goed bezig. Mensen zijn zo snel in oordelen, niet dat ik ervan wakker lig.  Nu ja, ik zette het er ook onder : juist heel goed bezig. Ik durfde het zelfs aan om het in de groep van Pascale Naessens te zetten. Ik kreeg zoveel vind-ik-leukjes en geweldigskes…. Ik had erbij gezet dat het absoluut comfort was en regelrechte troep…. Halverwege de reacties zette ik ook het volgende:

 

Maar ik heb vooral echt zo iets van, Pascale Naessens: ze leerde me genieten van eten op alle vlakken, ik heb jaren eetstoornissen gehad, moeten vechten tegen kilo’s omdat ik hormonale problemen heb… en nu eet ik zonder me er slecht bij te voelen gewoon eens een boterham met choco… nooit gedacht van mezelf… 😉 En straks ga ik die courgette met gerookte zalm maken, dat is dan ook heel lekker! 😉

 

Ze reageerde er ook zelf op, dat ze het ontroerend vond en een heel compliment en dat het zeker genieten was in alle vrijheid. Iemand die vond dat ik niet trots mocht zijn op het eten van troep, verwijderde toen trouwens haar reactie, wat ik best grappig vind. Verder heb ik daar ook geen problemen mee, ik weet dat het troep is, maar ik ben er wel degelijk trots op!

 

Was ik zo blij dat ik die reactie van Pascale Naessens zelf kreeg dat ik dat op mijn facebook zette, kreeg ik daar het compliment dat het tegenwoordig heel knap is dat je gewoon durft spreken over een boterham met choco en confituur. Gek eigenlijk: ik ben er mee groot gebracht en ik denk zowat iedereen van mijn leeftijd en ver daarvoor. Ik bedacht me nog dat Guido Belcanto er een liedje over schreef, maar dat dat ook al 13 jaar geleden is… Ja, tegenwoordig moet alles precies gezond zijn, een hype? Ik weet het niet, ik ben er ook wel voor: overduidelijk. Gezond eten is belangrijk, maar dat mensen mij nu feliciteren omdat ik gewoon op facebook durf zetten dat ik een boterham met choco en een met confituur at, is toch ook best bizar, niet dan?

 

Nu ja, ik had ook mijn geheel eigen mening over de soap rond wat Jeroen Meus naar t schijnt gezegd had over haar, waarschijnlijk helemaal uit zijn context getrokken ook…. Maar goed…. Ik had vroeger een eetstoornis en volgens mij is doorschieten in het te fanatieke gezond willen eten dat ook. Dat is ondertussen ook erkend als eetstoornis trouwens. Nu ja, iedereen doet daarmee wat die wil natuurlijk, ik moei mij niet met de borden van anderen. Maar ik ben blij dat ik in niets meer doorschiet qua eten, heel blij, na al die jaren en ja, ik geniet echt in volle vrijheid van al wat mijn mond passeert…. Of dat nu een recept van Pascale Naessens is, een van Jeroen Meus, een pasta pesto op restaurant of een boterham met choco…. Ik heb dat eigenlijk nooit gekend, als kind vond ik eten al een noodzakelijk kwaad…. Dit is geheel nieuw voor mij: genieten van eten… en ja, dat heb ik echt te danken aan Pascale Naessens en aan niemand anders…. Dat wilde ik nu toch even duidelijk maken!

 

Voilà, en dan nu Guido Belcanto:

Psychologisch vrolijk

vrolijkIk ben vandaag zo vrolijk

Zo vrolijk, zo vrolijk

Ik ben vandaag zo vrolijk,

Zo vrolijk was ik nooit

 

Nu ja, nooit is veel gezegd,

Ik voelde me gewoon heel bah nadat ik gehoord had dat ik niet zwanger was

En me ook serieus in de steek gelaten

Was mijn psychologe nog in verlof ook

Kon er nog wel bij

Was ik nog kwaad op haar ook

 

 

Ik al mijn moed bij elkaar zitten rapen

Stuurde ik haar een mail

Om te zeggen dat ik kwaad op haar was

Kwaad, ja

Oh ja, rationeel wist ik dat ze er niet aan kon doen

Maar kwaad was ik wel

Dat voelde ik wel heel hard

Waarom doet er niet toe

Laat me kort zeggen dat ze me advies gaf dat even compleet verkeerd uitgedraaid was

 

Moest ik gisteren naar haar

Die mail had ik gestuurd,

Ik kon niet terug

Zware schoenen in de wachtkamer

Riep ze me

Ik bij haar binnen

Zei ze dat ze die mail gehad

Dat ze begreep waarom ik kwaad was

En dat kwaad zijn mag

Dat ik dat echt mag zeggen

Dat ik niet moest gaan rationaliseren dat ze er niet aan kon doen

Dat dat waar is,

Maar dat gevoelens uiten mag

Nu ja,

Dat heb ik nooit meegekregen dat dat mag

Integendeel

Conceal – don’t feel

Het adagio dat gevolgd moest worden

Vroeger was dat wel meer zo, denk ik

 

Dat mensen soms zeggen dat ik zo open ben

Moesten ze eens weten wat voor een opkropper ik ben

Ik vertel eigenlijk heel weinig,

Maar daarvoor moet je me ook echt wel kennen

Om dat te weten

Dat ik ook heel vaak niet gezien word

zoals ik echt ben, dat ook

enkel met pen en papier vaak

op die manier lukt het beter

veel beter

 

Dat ik alles zet op facebook, zeggen ze soms

Ha, maken jullie niets mee dan?

Ik zet juist heel weinig op facebook

Vind ik, tegenover wat ik voel en meemaak

Mijn facebook is net zo een fakebook als bij iedereen

Maar ik kan ook niet alles voor mezelf houden

Dat is waar

 

Nu ja

Ging de sessie verder

Vertelde ik haar uiteindelijk iets

Iets wat ik al voel en verborgen houd sinds ik kind was

Eerste besef dat ik ervan heb was in het derde leerjaar

Ik zie mezelf daar nog staan,

Met mijn voet op het scheidingsmuurtje tussen de speelplaatsen

met mijn hoofd op mijn armen die op het ijzeren hekje boven dat muurtje stonden

Kijkend in de richting van de kleuters

Alleen stond ik daar toen

Te denken en te overpeinzen

En vooral denken “nee, Els, dat mag je niet voelen”

En toen kwamen mijn twee beste vriendinnetjes van toen af

Ik deed meteen spontaan mee met de rekker,

Hupsakee, ik kon het toen al

Dat denken, me niet goed voelen

En dan compleet draaien als het moet en hup, dat masker weer op

Ik kon het toen al

vroeger waarschijnlijk ook al

Altijd anders geweest

 

Ik vertelde het dus niemand

Zelfs mijn moeder niet

Zelfs geen enkele vriend of vriendin

Zelfs geen enkele partner

Gewoon niemand

 

Lastig was ik

Zei ze dat dat heel goed was dat ik dat opmerkte bij mezelf

Dat ik het benoemd had

En uitegsproken had

 

Dat ze verder nog zei dat ik me toch gewoon rotslecht mocht voelen ook

Ik had wéér maar eens moeten horen dat ik wéér niet zwanger was

Nu ja, dat ze daarin gelijk heeft natuurlijk

Ik begon er zelfs van te wenen

Eindelijk, ik wachtte er nog steeds op na dat nieuws

Het was geblokt

 

 

Gisteren dat molentje nog op volle toeren aan het draaien daarna

Zat ik op een feestje en daar ook: draai, draai, draai

’s avonds nog

 

En dan gaan slapen

8u aan een stuk, alstublieft

Zalig lang geslapen dus

Ik had energie

Voor de eerste keer sinds lang

(nu ja, dat ik uitgeput ben is vooral door hormoonbehandelingen hoor)

Alles opruimen dan: de living, de keuken en de badkamer…

Enthousiast roepen naar de vuilnismannen omdat ze net mijn oud papier opnamen (met drie dozen tegelijk, hè!): “merci he mannen!”

Ik vind dat die verdienen

Zware job, denk ik, ik denk dat zelfs niet, ik ben daar zeker van

En hé, ze komen ons afval afhalen

Daar mag men al eens dankbaar voor zijn, niet waar?

Dat ze naar me glimlachten toen

 

En dan opruimen, opruimen, opruimen

Kuisen, kuisen, kuisen

Naar de colruyt

Koken, eindelijk nog eens echt zin in

 

Een ingeving krijgen in de winkel en voor de klein hier een cd kopen

Om lekker mee te brullen in de auto

Jaja, dan doe ik mee

Lekker dat kind in me loslaten

 

Na de hele dag echt moe zijn, doodop zelfs (stomme hormonen)

Mijn voet die heel veel pijn doet en mijn rug die geblokkerd lijkt te zitten

Maar vooral dankbaar

Dank u S (de psychologe dus)!!!

 

Dat kwam allemaal omdat ik bij mijn psychologe zo open ben geweest, zo eerlijk en puur ook

Over iets waar ik al mee vastzit sinds ik kind ben

en iets wat ik na al die jaren therapie nog steeds niet gezegd had gekregen

ze heeft nogal dingen losgekregen die anderen nooit gelukt zijn

 

En nee, dat alles ga ik nu ook niet vertellen

Dat houd ik voorlopig lekker ginder!

 

Dat ik ondertussen overduidelijk ziek aan het worden ben,

en de psoriasis terug een serieuze opflakkering krijgt,

kan me zelfs niet deren

Wijsheid of miserie en shit?

wilde grijzeGrijze haren…

 

Een teken van wijsheid

Of van een leven met miserie en shit?

 

Goede vraag….

 

Feit is: ik ben bijna 33 en krijg meer en meer grijs haar. Als ik een jaar geleden vertelde tegen mijn moeder dat ik grijs werd, begon ze bijna te lachen: och gij…..

Twee weken later zei ze heel verbaasd: “Els, gij zijt grijs aan t worden” Ik kwam niet verder dan: “ik zei het toch?” Ik weet nog dat ze zich excuseerde omdat ze dat zei, dan heb ik zoiets van: “he, het is zo. Niks te excuseren aan….”

 

Toen ik afgelopen week bij een vriendin zat, was er weer zoiets. Ik heb echte krullen, maar als ik mijn haar was en de borstel er door haal, haal ik die er eigenlijk uit. Dat vind ik best jammer eigenlijk, dus ik had het nog eens zo gelaten: haren gewassen (gewoon met water trouwens, doe ik ook meer en meer) en niets gekamd. Krullen tot en met, mijn haar lijkt dan ook een stuk korter, logisch ook: alles zit in krul.

 

Nu ja, ze was naar de krullen aan het kijken: “wow, Els, jij bent al grijs aan het worden.” Told you so…, dat dacht ik dan weer.

 

Het is best bizar, weinig mensen geloven dat ik grijs word als het verteld tot hun oog er eens echt opvalt en ze wel degelijk zien dat ik vooral vooraan redelijke veel grijze haren aan het krijgen ben….

 

Voorlopig vind ik het eigenlijk heel mooi, ik heb donker haar en die grijze haren schitteren zo mooi tussen die donkere haren, een soort van lichtpuntjes in de duisternis….

 

Vertelde ik je ooit trouwens dat mijn haar mijn trots is? Veel haar en dik haar. Het eerst wat mijn grootmoeder, volgens de overlevering, zei toen ik geboren werd, was “amai, die heeft veel haar.” Ze zegt dat nog, de amai heeft ze ondertussen achterwege gelaten, want daar is ze in tussentijd aan gewoon geraakt. Ze weet zelf trouwens nog heel goed dat ze die kreet van verbazing liet toen ze me de eerste keer zag en dan zegt ze er nog bij “maar dat was ook wel” Als ik mijn eigen babyfoto’s zie, heb ik zeker geen reden om daaraan te twijfelen. Als ik die niet had en gewoon mijn huidige haar ken, heb ik ook totaal geen reden om te twijfelen overigens. Mijn grootvader die ondertussen al enkele jaren overleden is, kon het niet nalaten om met zijn handen door mijn haar te gaan als kind en elke keer opnieuw te zeggen dat ik zo mooi haar had. Ja, ik heb best veel haar, mooi haar en dik haar. Ik ben er terecht trots op, al heb ik er niets mee te maken eigenlijk. Ik onderhoud het wel: geen chemische brol, wel haarolie en groene thee en geregeld henna: beste verzorging en oh ja, ik heb een hekel aan kappers…. Wat ik zelf doe op dat vlak, is echt wel beter. Ja, ik knip mijn haar zelf, zo zijn het wel degelijk enkel de puntjes en meer ook niet. Kappers, ik vertrouw ze niet. Behalve eentje die hier aan de deur kwam na een ziekenhuisopname om mijn haar te redden. Mijn haar was kapot na die opname, die nochtans niet lang had geduurd, maar hele dagen erop liggen zonder borstel…. Tsja….. (opname via spoed, had er ook geen kledij of zo, ergens best handig, geen vuile handdoeken mee naar huis te nemen, haha). Ze kwam en wilde het redden, een behandeling die twee uur geduurd heeft, verschillende productjes enzo en waarachtig, mijn haar was niet meer kapot daarna…. Ik mocht niet knippen van u, hè, zei ze. Ik meteen “nee”, met een ondertoon van: durf niet, hè! Dus ja, die vertrouw ik dus wel, de eerste kapster in mijn leven Patsy Maes uit Mechelen, haar naam mag genoemd worden. Het wonder is geschied. Ze begreep trouwens heel goed waarom ik dat niet wilde, want ik had inderdaad wel heel mooi haar, zei ze.

 

Dat sommigen me vragen of ik mijn haar nu ga kleuren? No way, geen chemische brol in mijn haar en ik vind grijs best mooi. Ik doe wel geregeld henna in mijn haar, van die echte Marokkaanse. Dat is heel gezond voor het haar, het voedt het echt. Eigenlijk zou ik het nog eens moeten doen, het is een jaar geleden. Dat impliceert natuurlijk dat die grijze haren dan knaloranje gaan zien….

 

Of ik dat dan erg zou vinden? Nee, eigenlijk niet. Toen ik rond de 20 was, wilde ik oranje haar, zo nog met een rode toetst, maar eerder naar het oranje af. Schoon ros is niet lelijk zei mijn vader altijd, ik geef hem nog steeds gelijk! 😉 Ik had zelfs ooit een vriendje die schoon ros was!  Tegenwoordig lach ik weleens: als mijn haar nu verder grijs wordt, kan ik eindelijk eens die oranje kleur in mijn haar hebben, door die henna dan….

 

Ik vind alleen die grijze glinsteringen in mijn haar nu zo mooi dat ik twijfel of ik er wel henna op zou doen, dan zijn de glinsteringen ook weg….

 

Langs de andere kant, moet ik dat maar eens proberen: schoon ros is niet lelijk…. Oranje schitteringen: wat zou dat zeggen eigenlijk?

 

En nu moet ik er plots aan denken dat een mevrouw naast mij op een optreden van Guido Belcanto zei: “als jij ooit grijs wordt, heb je helemaal dezelfde haarbos als hem.” Ik denk dat ik enigszins verdwaasd opkeek en dan dacht: “t is nog waar ook”. Trouwens, ik zei het daarna tegen de mevrouw van de cd-verkoop en die bevestigde dat ook…. Het wordt dus grijs….

 

Henna met de rosse glinsteringen

Of zo laten met de grijze glinsteringen

 

Dus: nog eens een goede verzorging

Of overslaan en de glinsteringen laten bestaan…

 

 

Ik weet het niet……

 

Even ter afsluiting: