Schoonheid van de vergankelijke tijd

Tijd-vliegtVrijdag word ik 31, het klinkt cliché maar de tijd gaat echt wel snel voorbij. Vorig jaar ben ik met mijn zus, haar toen nog vriend (ondertussen is hij haar man), mijn moeder en haar vriend iets gaan eten om daarna naar een optreden van Guido Belcanto te gaan. Het goot die avond en het was buiten! Lekker handig! Ik miste toen natuurlijk mijn eigen Guido, heel hard zelfs. Langs de andere kant: ik had altijd gezegd dat ik een optreden van Guido Belcanto wilde voor mijn 30ste verjaardag. Dat is dus gelukt, op mijn verjaardag zelf dan nog wel. Maar wat ik wilde zeggen: de tijd gaat zo snel. Toen ik op neurologie werkte, waren ik en een patiënte van gezegende leeftijd het daar wel over eens. Toen ik haar vroeg of dat echt zo veel sneller ging als je zo oud was als haar, zei ze volmondig ja.

Toch is het bizar, ik heb het afgelopen jaar, toen ik echt midden in dat rouwproces zat, gedacht dat de dagen zo traag vooruit gingen. Dat ik me leek te vervelen en ik bijna blij was dat ik mocht gaan slapen. Nu is dat niet zo dat ik niet wist wat doen, maar eerder dat ik niet echt de fut had iets te doen. Ik voel een duidelijk verschil. Gisteren had ik een dag vrij, ik ben de hele dag bezig geweest, goed bezig geweest en ik verveelde me niet. Dat is een tendens die zich sinds een tijdje aan het ontwikkelen is. In juli dacht ik nog dat ik in een depressie aan het sukkelen was, nu weet ik dat ik gewoon op het einde van dat rouwproces zat, de laatste fase zeg maar. Het is echt een gelukzalig gevoel om te voelen dat ik terug energie heb, dat ik terug zin heb, zin om dingen te doen, zin in het leven.

Maar wat ik wil zeggen: tijd is relatief. Die dagen gingen zo traag vooruit, omdat ik Gui miste? Omdat ik verdriet had? Omdat ik niet de fut had iets te doen? Waarschijnlijk de combinatie… En toch verschoot ik ervan als er weer een week voorbij was. Weken werden maanden en die leken al bij al toch snel te gaan. Ik was er in juni immers van versteld dat Gui al een jaar dood was, het leek toch nog maar gisteren, ook zo cliché.

Nu dacht ik, toen ik 30 werd ook: als ik 90 word, heb ik er nu een derde van mijn leven opzitten en dan moet ik nog 90 worden ook! Best een akelige gedachte (maar bij iemand van 60 is het net de omgekeerde verhouding, dat lijkt voorlopig nog ver weg, oef…) Vroeger, toen ik nog in een depressie zat, heb ik wel eens een zelfmoordpoging gedaan, toen wilde ik dood. Maar nu? Nee, geen haar op mijn hoofd dat er aan denkt en toch, toch kan je het niet weten. Als ik morgen onder een auto loop is het ook gedaan, die gedachte heb ik al heel snel op gedaan in mijn leven. Toen ik tiener was, kwam een vriendin om in een verkeersongeval, ze was 17 en ik was er kapot van. Niet alleen omdat ze een vriendin was, maar ook omdat ze even oud was als ik. Daarvoor had ik immers enkel twee overgrootvaders verloren, mensen waarvan de tijd gekomen was zeg maar. Die vriendin leek zo oneerlijk, niet te kloppen, het was gewoon niet juist. Nog datzelfde jaar kwam een kameraad om die op uitwisseling was in Australië. Twee mensen die even oud waren als ik stierven. Vanaf dat moment besefte ik dat het zo gedaan kon zijn, met een vingerknip. Dat ik niet veel nadien zelf verlangde naar de dood, geeft me nu wel een vreemd gevoel… Ik zou nu niet meer dood willen, nee, integendeel: ik wil oud worden en liefst in goede gezondheid.

Maar goed, laat ons stellen, dat ik 90 word, dan heb ik er een derde van mijn leven opzitten. En dan denk ik: “Els, ga voor je dromen, je hebt maar één leven (tenzij reïncarnatie bestaat, maar dan besef ik het toch niet echt, al is me gezegd dat die steeds terugkerende droom in mijn kindertijd verwijst naar mijn vorige leven, al zal ik dat nooit zeker weten), maak er iets van.” En één beslissing heb ik vorige week al genomen, het is er tijd voor en daar moet ik niet te lang meer mee wachten. Maar ik heb zo veel dromen, ik zal misschien toch maar aan dat boek beginnen. Maar iets zegt me dat ik daar binnenkort tijd voor ga maken. Ik heb echt mooie dromen, vind ik, maar ze moeten niet bij dromen blijven. Soms denk ik dat ik zo veel tijd verloren ben, als ik nu kijk naar die periode van die depressie, is dat niet tijd verdoen? In zo’n cirkel zitten van “ik kan niets, ik ben niets waard, ik wil niet meer, ik kan niet meer,…”, eigenlijk vraagt dat zo veel energie en het brengt je nergens. Of misschien is het wel nodig geweest, waarschijnlijk wel. Nu goed, ik ga er voor… voor het leven, ik grijp het met beide handen vast en als ik op een beetje van mijn overgrootmoeder heb, word ik misschien wel die 90 jaar…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s